BWBR0008952
Geldig vanaf 1998-01-01
Artikel 8
Besluit arbeidsinpassing en begeleiding sociale werkvoorziening
1. Artikel 7 van de wet is van toepassing op werknemers die op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van de wet werkzaam waren met toepassing van de artikelen 11 en 12 van de Regeling samenloop arbeidsongeschiktheidsuitkering met inkomsten uit arbeid en de Regeling vergoeding persoonlijke ondersteuning gehandicapte werknemers, zoals deze regelingen luidden op dat moment, indien de werkgever en de werknemer daarmee binnen twee jaar na inwerkingtreding van de wet instemmen. Daarbij wordt artikel 2van dit besluit in acht genomen.
2. De in het eerste lid bedoelde werknemers worden niet overeenkomstig hoofdstuk 5 van de wet geïndiceerd.
3. Personen die de dag voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van de wet een dienstbetrekking hebben krachtens de Wet Sociale Werkvoorziening zoals deze luidde tot die datum en na een aanvraag tot herindicatie als bedoeld in artikel 8, vijfde lid, van het Besluit indicatie sociale werkvoorzieningvoor de arbeid, bedoeld in hoofdstuk 3 van de wet, zijn geïndiceerd, komen voor deze arbeid in aanmerking zodra met toepassing van de artikelen 3, met uitzondering van het tweede lid, tweede volzin, of 4van dit besluit een arbeidsovereenkomst tot stand is gebracht.
4. Personen die na inwerkingtreding van de wet een dienstbetrekking zijn aangegaan krachtens hoofdstuk 2 van de wet en na een herindicatie als bedoeld in artikel 8, eerste of tweede lid, van het Besluit indicatie sociale werkvoorzieningvoor de arbeid, bedoeld in hoofdstuk 3 van de wet, zijn geïndiceerd, komen voor deze arbeid in aanmerking zodra met toepassing van de artikelen 3, met uitzondering van het tweede lid, tweede volzin, of 4van dit besluit een arbeidsovereenkomst tot stand is gebracht.
2. De in het eerste lid bedoelde werknemers worden niet overeenkomstig hoofdstuk 5 van de wet geïndiceerd.
3. Personen die de dag voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van de wet een dienstbetrekking hebben krachtens de Wet Sociale Werkvoorziening zoals deze luidde tot die datum en na een aanvraag tot herindicatie als bedoeld in artikel 8, vijfde lid, van het Besluit indicatie sociale werkvoorzieningvoor de arbeid, bedoeld in hoofdstuk 3 van de wet, zijn geïndiceerd, komen voor deze arbeid in aanmerking zodra met toepassing van de artikelen 3, met uitzondering van het tweede lid, tweede volzin, of 4van dit besluit een arbeidsovereenkomst tot stand is gebracht.
4. Personen die na inwerkingtreding van de wet een dienstbetrekking zijn aangegaan krachtens hoofdstuk 2 van de wet en na een herindicatie als bedoeld in artikel 8, eerste of tweede lid, van het Besluit indicatie sociale werkvoorzieningvoor de arbeid, bedoeld in hoofdstuk 3 van de wet, zijn geïndiceerd, komen voor deze arbeid in aanmerking zodra met toepassing van de artikelen 3, met uitzondering van het tweede lid, tweede volzin, of 4van dit besluit een arbeidsovereenkomst tot stand is gebracht.