BWBR0008585
Geldig vanaf 1997-04-01
Artikel 4
Tijdelijke vrijstellingsregeling biotechnologie bij dieren
1. Indien op grond van artikel 2, eerste lid, een vergunning is aangevraagd, neemt de minister binnen 12 weken na ontvangst van de aanvraag een besluit als bedoeld in artikel 66, tweede lid, van de wet.
2. Indien het besluit niet binnen 12 weken kan worden genomen, zijn artikel 4:14 van de Algemene wet bestuursrechten artikel 13, vierde lid, van het besluit van overeenkomstige toepassing.
3. Indien naar het oordeel van de commissie, bedoeld in artikel 69 van de wet, toepassing moet worden gegeven aan het tweede lid, doet zij daarvan zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vier weken na ontvangst van de adviesaanvraag mededeling aan de minister.
2. Indien het besluit niet binnen 12 weken kan worden genomen, zijn artikel 4:14 van de Algemene wet bestuursrechten artikel 13, vierde lid, van het besluit van overeenkomstige toepassing.
3. Indien naar het oordeel van de commissie, bedoeld in artikel 69 van de wet, toepassing moet worden gegeven aan het tweede lid, doet zij daarvan zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vier weken na ontvangst van de adviesaanvraag mededeling aan de minister.