BWBR0008476
Geldig vanaf 1997-01-18
Artikel 7
Regeling maatregelen sector OenW
1. De hoogte en de duur van de maatregel bedragen bij het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting opgenomen in:
a. de vijfde categorie, ten 1 van de bijlage, de gehele uitkering voor de duur dat de betrokkene aanspraak op loon zou hebben kunnen doen gelden, dan wel de dienstbetrekking zou hebben kunnen voortduren;
b. De vijfde categorie, ten 2, 3 en 4 van de bijlage: dat deel van de uitkering dat niet tot uitbetaling zou komen, indien de betrokkene de bedoelde benadelingsbehandeling had nagelaten;
c. De vijfde categorie, ten 5 van de bijlage, afhankelijk van de ernst van de gedraging of nalatigheid van de betrokkene: 1. 20% gedurende 16 weken
2. 30% gedurende 26 weken
3. De gehele uitkering over de volledige of resterende uitkeringsduur.
1. 20% gedurende 16 weken
2. 30% gedurende 26 weken
3. De gehele uitkering over de volledige of resterende uitkeringsduur.
d. De vijfde categorie, ten 6° van de bijlage: blijvende gehele weigering over het aantal uren waarover het recht op uitkering zou zijn geëindigd indien de betrokkene de betreffende arbeid zou hebben aanvaard of verkregen.
e. De vijfde categorie, ten 7° van de bijlage: blijvende gehele weigering van de uitkering, tenzij het niet nakomen van de verplichting de betrokkene niet in overwegende mate kan worden verweten, wordt een verlaging van het uitkeringspercentage tot 35% gedurende 26 weken toegepast.
2. Indien de mate van verwijtbaarheid van de gedraging of nalatigheid van de betrokkene daartoe naar het oordeel van het uitvoeringsorgaan aanleiding geeft, bedraagt de hoogte en de duur van de maatregel:
a. bedoeld in het eerste lid, onder a: 30% gedurende de daar bedoelde termijn;
b. bedoeld in het eerste lid, onder b: 30% van het daar bedoelde deel van de uitkering;
c. bedoeld in het eerste lid, onder c, ten 1: 10% gedurende 16 weken;
d. bedoeld in het eerste lid, onder c, ten 2: 20% gedurende 16 weken;
e. bedoeld in het eerste lid, onder c, ten 3: 30% gedurende 26 weken.
a. de vijfde categorie, ten 1 van de bijlage, de gehele uitkering voor de duur dat de betrokkene aanspraak op loon zou hebben kunnen doen gelden, dan wel de dienstbetrekking zou hebben kunnen voortduren;
b. De vijfde categorie, ten 2, 3 en 4 van de bijlage: dat deel van de uitkering dat niet tot uitbetaling zou komen, indien de betrokkene de bedoelde benadelingsbehandeling had nagelaten;
c. De vijfde categorie, ten 5 van de bijlage, afhankelijk van de ernst van de gedraging of nalatigheid van de betrokkene: 1. 20% gedurende 16 weken
2. 30% gedurende 26 weken
3. De gehele uitkering over de volledige of resterende uitkeringsduur.
1. 20% gedurende 16 weken
2. 30% gedurende 26 weken
3. De gehele uitkering over de volledige of resterende uitkeringsduur.
d. De vijfde categorie, ten 6° van de bijlage: blijvende gehele weigering over het aantal uren waarover het recht op uitkering zou zijn geëindigd indien de betrokkene de betreffende arbeid zou hebben aanvaard of verkregen.
e. De vijfde categorie, ten 7° van de bijlage: blijvende gehele weigering van de uitkering, tenzij het niet nakomen van de verplichting de betrokkene niet in overwegende mate kan worden verweten, wordt een verlaging van het uitkeringspercentage tot 35% gedurende 26 weken toegepast.
2. Indien de mate van verwijtbaarheid van de gedraging of nalatigheid van de betrokkene daartoe naar het oordeel van het uitvoeringsorgaan aanleiding geeft, bedraagt de hoogte en de duur van de maatregel:
a. bedoeld in het eerste lid, onder a: 30% gedurende de daar bedoelde termijn;
b. bedoeld in het eerste lid, onder b: 30% van het daar bedoelde deel van de uitkering;
c. bedoeld in het eerste lid, onder c, ten 1: 10% gedurende 16 weken;
d. bedoeld in het eerste lid, onder c, ten 2: 20% gedurende 16 weken;
e. bedoeld in het eerste lid, onder c, ten 3: 30% gedurende 26 weken.