BWBR0008404
Geldig vanaf 1997-01-01
Artikel 10
Besluit subsidies bedrijfsgerichte technologische samenwerkingsprojecten
1. Onze Minister wint omtrent de aanvragen waarop niet met toepassing van artikel 9, eerste lid, afwijzend wordt beslist het advies in van de Adviescommissie technologische samenwerkingsprojecten.
2. De commissie geeft aan Onze minister in ieder geval een negatief advies:
a. indien onvoldoende vertrouwen bestaat in de technische en economische haalbaarheid van het project;
b. indien onvoldoende vertrouwen bestaat dat de betrokkenen de capaciteiten hebben om het project naar behoren uit te voeren;
c. indien van het project onvoldoende positieve gevolgen voor de Nederlandse economie te verwachten zijn.
3. De commissie rangschikt per groep van aanvragen waarvoor een subsidieplafond geldt de aanvragen waaromtrent zij positief adviseert zodanig, dat een project hoger gerangschikt wordt naar mate het meer bijdraagt aan bij regeling van Onze Minister vast te stellen doelstellingen.
2. De commissie geeft aan Onze minister in ieder geval een negatief advies:
a. indien onvoldoende vertrouwen bestaat in de technische en economische haalbaarheid van het project;
b. indien onvoldoende vertrouwen bestaat dat de betrokkenen de capaciteiten hebben om het project naar behoren uit te voeren;
c. indien van het project onvoldoende positieve gevolgen voor de Nederlandse economie te verwachten zijn.
3. De commissie rangschikt per groep van aanvragen waarvoor een subsidieplafond geldt de aanvragen waaromtrent zij positief adviseert zodanig, dat een project hoger gerangschikt wordt naar mate het meer bijdraagt aan bij regeling van Onze Minister vast te stellen doelstellingen.