BWBR0008301
Geldig vanaf 2004-03-19
Artikel 26
Regeling EG-steunverlening akkerbouwgewassen
1. De in Nederland gevestigde erkende eerste verwerker of inzamelaar die een overeenkomst als bedoeld in artikel 24heeft gesloten met een producent wiens bedrijf zich in Nederland of in een andere Lid-Staat van de Europese Unie bevindt:
a. dient een origineel exemplaar van de overeenkomst of een gewaarmerkt kopie daarvan in bij het productschap binnen de termijnen, genoemd in artikel 13, eerste lid, van verordening 2461/1999 en verstrekt daarbij de nodige gegevens over de verwerkingsketen, bedoeld in artikel 13, tweede lid, van verordening 2461/1999;
b. stelt bij het productschap de volledige zekerheid, bedoeld in artikel 15, tweede lid, van verordening 2461/1999 binnen de in artikel 13, eerste lid, van genoemde verordening bedoelde termijn.
c. bewaart een origineel exemplaar van de overeenkomst of een gewaarmerkte kopie daarvan in zijn bedrijfsadministratie;
d. doet aan het productschap uiterlijk op 1 maart van het kalenderjaar volgend op het kalenderjaar waarin de grondstof wordt geoogst, opgave van de totale ontvangen hoeveelheid grondstof welke is geproduceerd op de percelen waarop de overeenkomst betrekking op heeft, onder vermelding van soort en ras, alsmede van de referentie van de overeenkomst en van de naam en het adres van de partij bij de overeenkomst die de grondstof heeft geleverd en van de plaats van levering.
2. De in Nederland gevestigde eerste verwerker of inzamelaar verstrekt de in artikel 13, vierde lid, van verordening 2461/1999bedoelde informatie binnen de daar genoemde termijnen aan het productschap, onder vermelding van de referentie van de overeenkomst.
3. Indien de eerste verwerker niet zelf de grondstoffen verwerkt tot de eindproducten welke zijn genoemd in de overeenkomst met de in het eerste lid bedoelde producent, verplicht hij de afnemers van de grondstoffen of van de tussenproducten bij schriftelijke overeenkomst de grondstoffen tot deze eindproducten te verwerken of te doen verwerken dan wel een gelijk beding op te nemen in de met opvolgende afnemers te sluiten schriftelijke overeenkomsten, waarbij laatsten verplicht worden op hun beurt gelijke verplichtingen op te nemen in de door hen met afnemers te sluiten schriftelijke overeenkomsten.
4. De artikelen 2en 3van de Beschikking controlevoorschriften inzake het gebruik op de bestemming van bepaalde landbouwprodukten 1979 is vanaf de aflevering van de grondstoffen aan de eerste verwerker of inzamelaar van toepassing op bedoelde grondstoffen en de daaruit geproduceerde tussenproducten, zolang nog geen sprake is van de eindproducten waarop de met de in het eerste lid bedoelde producent gesloten overeenkomst betrekking heeft, met dien verstande dat waar in genoemde artikelen sprake is van de Minister, respectievelijk LASER gelezen wordt: het productschap.
5. De AID is belast met:
a. de afgifte van controle-exemplaren T 5, als bedoeld, in artikel 17 van verordening 2461/1999 bij verzending van de in genoemd artikellid bedoelde grondstoffen, tussenproducten of bijproducten naar andere Lid-Staten van de Europese Unie;
b. de behandeling en aftekening van controle-exemplaren T 5 die betrekking hebben op de grondstoffen en producten die van andere Lid-Staten naar Nederland zijn verzonden.
6. De eerste verwerker kan de geleverde grondstoffen, tussenproducten of eindproducten en de inzamelaar kan de geleverde grondstoffen vervangen door equivalente producten van dezelfde onderverdeling van de gecombineerde nomenclatuur, van dezelfde handelskwaliteit en met dezelfde technische kenmerken mits hij het productschap hiervan vooraf in kennis stelt.
a. dient een origineel exemplaar van de overeenkomst of een gewaarmerkt kopie daarvan in bij het productschap binnen de termijnen, genoemd in artikel 13, eerste lid, van verordening 2461/1999 en verstrekt daarbij de nodige gegevens over de verwerkingsketen, bedoeld in artikel 13, tweede lid, van verordening 2461/1999;
b. stelt bij het productschap de volledige zekerheid, bedoeld in artikel 15, tweede lid, van verordening 2461/1999 binnen de in artikel 13, eerste lid, van genoemde verordening bedoelde termijn.
c. bewaart een origineel exemplaar van de overeenkomst of een gewaarmerkte kopie daarvan in zijn bedrijfsadministratie;
d. doet aan het productschap uiterlijk op 1 maart van het kalenderjaar volgend op het kalenderjaar waarin de grondstof wordt geoogst, opgave van de totale ontvangen hoeveelheid grondstof welke is geproduceerd op de percelen waarop de overeenkomst betrekking op heeft, onder vermelding van soort en ras, alsmede van de referentie van de overeenkomst en van de naam en het adres van de partij bij de overeenkomst die de grondstof heeft geleverd en van de plaats van levering.
2. De in Nederland gevestigde eerste verwerker of inzamelaar verstrekt de in artikel 13, vierde lid, van verordening 2461/1999bedoelde informatie binnen de daar genoemde termijnen aan het productschap, onder vermelding van de referentie van de overeenkomst.
3. Indien de eerste verwerker niet zelf de grondstoffen verwerkt tot de eindproducten welke zijn genoemd in de overeenkomst met de in het eerste lid bedoelde producent, verplicht hij de afnemers van de grondstoffen of van de tussenproducten bij schriftelijke overeenkomst de grondstoffen tot deze eindproducten te verwerken of te doen verwerken dan wel een gelijk beding op te nemen in de met opvolgende afnemers te sluiten schriftelijke overeenkomsten, waarbij laatsten verplicht worden op hun beurt gelijke verplichtingen op te nemen in de door hen met afnemers te sluiten schriftelijke overeenkomsten.
4. De artikelen 2en 3van de Beschikking controlevoorschriften inzake het gebruik op de bestemming van bepaalde landbouwprodukten 1979 is vanaf de aflevering van de grondstoffen aan de eerste verwerker of inzamelaar van toepassing op bedoelde grondstoffen en de daaruit geproduceerde tussenproducten, zolang nog geen sprake is van de eindproducten waarop de met de in het eerste lid bedoelde producent gesloten overeenkomst betrekking heeft, met dien verstande dat waar in genoemde artikelen sprake is van de Minister, respectievelijk LASER gelezen wordt: het productschap.
5. De AID is belast met:
a. de afgifte van controle-exemplaren T 5, als bedoeld, in artikel 17 van verordening 2461/1999 bij verzending van de in genoemd artikellid bedoelde grondstoffen, tussenproducten of bijproducten naar andere Lid-Staten van de Europese Unie;
b. de behandeling en aftekening van controle-exemplaren T 5 die betrekking hebben op de grondstoffen en producten die van andere Lid-Staten naar Nederland zijn verzonden.
6. De eerste verwerker kan de geleverde grondstoffen, tussenproducten of eindproducten en de inzamelaar kan de geleverde grondstoffen vervangen door equivalente producten van dezelfde onderverdeling van de gecombineerde nomenclatuur, van dezelfde handelskwaliteit en met dezelfde technische kenmerken mits hij het productschap hiervan vooraf in kennis stelt.