BWBR0007866
Geldig vanaf 1996-03-01
Artikel 9
Regeling rijksbijdrage exploitatie Westerscheldeveerdiensten 1995
1. Indien op 1 januari 2002 een vaste oeververbinding nog niet in gebruik is genomen, terwijl de minister en de provincie tezamen van mening zijn dat dit vóór 1 januari 2004 het geval zal zijn, betaalt de minister aan de provincie:
a. voor het jaar 2002: een twaalfde deel van € 8.077.287,85, voor elke maand of gedeelte daarvan, waarin de Provincie de Westerscheldeveerdiensten moet exploiteren;
b. voor het jaar 2003: een twaalfde deel van €7.986.531,80 voor elke maand of gedeelte daarvan waarin de provincie de Westerscheldeveerdiensten moet exploiteren.
2. De bijdrage, bedoeld in het eerste lid, wordt met ingang van 1 januari 1996 jaarlijks aangepast door de bijdrage te corrigeren met de indexberekening, zoals opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 1.
a. voor het jaar 2002: een twaalfde deel van € 8.077.287,85, voor elke maand of gedeelte daarvan, waarin de Provincie de Westerscheldeveerdiensten moet exploiteren;
b. voor het jaar 2003: een twaalfde deel van €7.986.531,80 voor elke maand of gedeelte daarvan waarin de provincie de Westerscheldeveerdiensten moet exploiteren.
2. De bijdrage, bedoeld in het eerste lid, wordt met ingang van 1 januari 1996 jaarlijks aangepast door de bijdrage te corrigeren met de indexberekening, zoals opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 1.