BWBR0007816
Geldig vanaf 26-08-2026
Artikel 16
Inkomstenbesluit militairen
Bij ministeriële regeling kan de militair aanspraak worden verleend op:
a. een toelage in verband met het vervullen van een door Onze Minister aangewezen functie of het bezit van een door Onze Minister aangewezen bekwaamheid;
b. een toelage voor het verrichten van werkzaamheden waaraan naar het oordeel van Onze Minister bijzondere risico’s of inconveniënten zijn verbonden;
c. een vergoeding of een tegemoetkoming in de kosten of een toelage of – in de plaats daarvan – voorzieningen in nature ter zake van het verblijf van de militair buiten Nederland;
d. een vergoeding van of een tegemoetkoming in de kosten van recepties en representatie;
e. een diensttijdgratificatie bij een - naar het oordeel van Onze Minister - eervolle diensttijd van twaalfeneenhalf, vijfentwintig of vijfendertig jaren;
f. een toelage dan wel een toeslag, uitsluitend indien de militair is aangesteld bij het reserve-personeel, in verband met het handhaven van zijn inzetbaarheid;
g. een vergoeding van of een tegemoetkoming in de kosten van communicatie;
h. een vergoeding van of tegemoetkoming in de kosten van het volgen van een cursus of opleiding alsmede de hiervoor benodigde studiematerialen;
i. een vergoeding of een tegemoetkoming in de extra kosten voor zorg voor jonge kinderen bij inzet;
j. overgangs- en aanvullende maatregelen ter zake van de invoering van het loongebouw met ingang van 1 januari 2023;
k. een maatregel in verband met reeds opgedane kennis en ervaring, met dien verstande dat deze maatregel uitsluitend geldt voor de militair die op 1 januari 2023 nog niet was aangesteld;
k. een toelage voor militairen aan wie de verplichting, bedoeld in artikel 139, tweede lid, van het Algemeen militair ambtenarenreglement, is opgelegd.
a. een toelage in verband met het vervullen van een door Onze Minister aangewezen functie of het bezit van een door Onze Minister aangewezen bekwaamheid;
b. een toelage voor het verrichten van werkzaamheden waaraan naar het oordeel van Onze Minister bijzondere risico’s of inconveniënten zijn verbonden;
c. een vergoeding of een tegemoetkoming in de kosten of een toelage of – in de plaats daarvan – voorzieningen in nature ter zake van het verblijf van de militair buiten Nederland;
d. een vergoeding van of een tegemoetkoming in de kosten van recepties en representatie;
e. een diensttijdgratificatie bij een - naar het oordeel van Onze Minister - eervolle diensttijd van twaalfeneenhalf, vijfentwintig of vijfendertig jaren;
f. een toelage dan wel een toeslag, uitsluitend indien de militair is aangesteld bij het reserve-personeel, in verband met het handhaven van zijn inzetbaarheid;
g. een vergoeding van of een tegemoetkoming in de kosten van communicatie;
h. een vergoeding van of tegemoetkoming in de kosten van het volgen van een cursus of opleiding alsmede de hiervoor benodigde studiematerialen;
i. een vergoeding of een tegemoetkoming in de extra kosten voor zorg voor jonge kinderen bij inzet;
j. overgangs- en aanvullende maatregelen ter zake van de invoering van het loongebouw met ingang van 1 januari 2023;
k. een maatregel in verband met reeds opgedane kennis en ervaring, met dien verstande dat deze maatregel uitsluitend geldt voor de militair die op 1 januari 2023 nog niet was aangesteld;
k. een toelage voor militairen aan wie de verplichting, bedoeld in artikel 139, tweede lid, van het Algemeen militair ambtenarenreglement, is opgelegd.
- Citeren als
- Art. 16
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0007816
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl