BWBR0007816
Geldig vanaf 2025-01-17
Artikel 10e
Inkomstenbesluit militairen
1. Het hoofd defensieonderdeel kent aan de militair met de rang van kapitein, majoor dan wel luitenant-kolonel respectievelijk luitenant ter zee der tweede klasse oudste categorie, luitenant ter zee der eerste klasse dan wel kapitein-luitenant ter zee die tussen 1 januari 2023 en 31 december 2032 voor de eerste maal wordt bevorderd naar de naast hogere rang, extra salaristreden toe binnen de salarisschaal behorend bij diens rang op basis van de overgangsmaatregelen loongebouw, bedoeld in bijlage D.
2. Het hoofd defensieonderdeel kent aan de militair die op 1 januari 2023 in opleiding is tot officier en reeds voor 1 juli 2022 in deze opleiding was ingestroomd dan wel zich hiervoor had ingeschreven, op verzoek van de militair een compensatie toe op het moment dat de opleiding tot officier met goed gevolg is afgerond en de bevordering tot de bijbehorende officiersrang heeft plaatsgevonden, indien:
a. de salaristabel geldend op 1 januari 2023 langer dan 48 maanden een lager salaris oplevert dan het salaris op grond van de salaristabel geldend voor 1 januari 2023 en het cumulatieve salaris in deze maanden eveneens lager is dan het cumulatieve salaris in dezelfde periode op grond van de salaristabel geldend voor 1 januari 2023; of
b. het cumulatieve salaris in de salaristabel geldend op 1 januari 2023 gemeten over 84 maanden met ingang van 1 juli 2022 lager is dan het cumulatieve salaris in dezelfde periode op grond van de salaristabel geldend voor 1 januari 2023.
3. De compensatie, bedoeld in het tweede lid, bestaat uit het toekennen van het aantal salaristreden dat benodigd is om de situaties beschreven in het tweede lid, onderdelen a en b, niet langer te overschrijden.
4. De compensatie, bedoeld in het tweede lid en derde lid, kan op verzoek van de militair ook worden toegekend bij de daaropvolgende bevordering, indien wederom sprake is van een van de situaties beschreven in het tweede lid, onderdelen a en b.
2. Het hoofd defensieonderdeel kent aan de militair die op 1 januari 2023 in opleiding is tot officier en reeds voor 1 juli 2022 in deze opleiding was ingestroomd dan wel zich hiervoor had ingeschreven, op verzoek van de militair een compensatie toe op het moment dat de opleiding tot officier met goed gevolg is afgerond en de bevordering tot de bijbehorende officiersrang heeft plaatsgevonden, indien:
a. de salaristabel geldend op 1 januari 2023 langer dan 48 maanden een lager salaris oplevert dan het salaris op grond van de salaristabel geldend voor 1 januari 2023 en het cumulatieve salaris in deze maanden eveneens lager is dan het cumulatieve salaris in dezelfde periode op grond van de salaristabel geldend voor 1 januari 2023; of
b. het cumulatieve salaris in de salaristabel geldend op 1 januari 2023 gemeten over 84 maanden met ingang van 1 juli 2022 lager is dan het cumulatieve salaris in dezelfde periode op grond van de salaristabel geldend voor 1 januari 2023.
3. De compensatie, bedoeld in het tweede lid, bestaat uit het toekennen van het aantal salaristreden dat benodigd is om de situaties beschreven in het tweede lid, onderdelen a en b, niet langer te overschrijden.
4. De compensatie, bedoeld in het tweede lid en derde lid, kan op verzoek van de militair ook worden toegekend bij de daaropvolgende bevordering, indien wederom sprake is van een van de situaties beschreven in het tweede lid, onderdelen a en b.