1. Als bewijsstukken waaruit het voldoen aan de in het
vestigingsbesluitgestelde, tot de beheerder gerichte eisen voor het elektrotechnisch installatiebedrijf moet blijken, worden aangewezen:
a. het diploma Vaktechniek voor het Elektrotechnisch installatiebedrijf, mits mede ondertekend door een gecommitteerde van de Stichting Toezicht Examens Vestigingswet (STEVES), en mits op het diploma is vermeld dat de STEVES onder toezicht van de minister staat; en
b. de diploma’s Elektrotechnisch Installateur, Elektrotechnisch Reparateur en middelbaar installatietechnicus (sterkstroomtechniek), afgegeven door de Vereniging (tot bevordering van) Elektrotechnisch Vakonderwijs (in Nederland), mits mede ondertekend door een gecommitteerde van de minister.
2. Als bewijsstukken waaruit het voldoen aan de in het
vestigingsbesluitgestelde, tot de beheerder gerichte eisen voor het elektrotechnisch installatiebedrijf moet blijken, worden mede aangewezen de diploma’s, afgegeven ingevolge de Wet op het leerlingwezen door de Vereniging (tot bevordering van) Elektrotechnisch Vakonderwijs (in Nederland) of ingevolge de Wet op het cursorisch beroepsonderwijs door de Stichting Landelijk Orgaan Beroepsonderwijs-Elektrotechniek, betreffende:
a. Technicus sterkstroominstallaties of Technicus elektrische bedrijfsinstallaties;
b. Eerste monteur sterkstroominstallaties, Eerste monteur elektrische bedrijfsinstallaties, Eerste monteur elektrische panelen, Eerste monteur laagspanningsinstallaties, Eerste monteur elektrische besturingsinstallaties, of Eerste monteur in de praktijk van de sterkstroomtechniek; en
c. Assistent technicus sterkstroominstallaties of Assistent technicus bedrijfsinstallaties.
3. Als bewijsstukken waaruit het voldoen aan de in het
vestigingsbesluitgestelde, tot de beheerder gerichte eisen voor het elektrotechnisch installatiebedrijf moet blijken, worden mede aangewezen de volgendediploma’s afgegeven ingevolge de
Wet op het voortgezet onderwijsof de
Wet educatie en beroepsonderwijs:
a. het diploma middelbaar technisch onderwijs, afdeling elektrotechniek, studierichting Elektrische Installatietechniek, mits uit een op het diploma gestelde verklaring, die mede is ondertekend door een gecommitteerde van de minister, blijkt dat is voldaan aan de eisen van vakbekwaamheid voor het elektrotechnisch installateursbedrijf;
b. het diploma middelbaar technisch onderwijs van de Elektrotechnische School te Amsterdam;
c. het diploma middelbaar technisch onderwijs, afdeling Elektrotechniek, studierichting Elektrische Installatietechniek, mits uit een op het diploma gestelde verklaring blijkt, dat is voldaan aan de eisen van vaktechniek voor het elektrotechnisch installatiebedrijf, omschreven in het vestigingsbesluit;
d. het diploma middelbaar beroepsonderwijs, sector techniek, van de lange opleiding Elektrotechniek, mits uit een op het diploma vermelde verklaring blijkt, dat is voldaan aan de eisen voor het elektrotechnisch installatiebedrijf, omschreven in het vestigingsbesluit;
e. het certificaat middelbaar beroepsonderwijs, sector techniek, van de lange opleiding Elektrotechniek, mits uit een op het certificaat vermelde verklaring blijkt, dat is voldaan aan de eisen van vaktechniek voor het elektrotechnisch installatiebedrijf, omschreven in het vestigingsbesluit;
f. het diploma van de opleiding Middenkaderfunctionaris automatiserings energietechniek, kwalificatiecode 10235;
g. het diploma van de opleiding Middenkaderfunctionaris elektrotechnische installatietechniek (MK-EIT), kwalificatiecode 10237; en
h. het diploma van de opleiding Eerste Monteur Sterkstroominstallaties (EMSI), kwalificatiecode 10249, mits met goed gevolg examen is afgelegd in de deelkwalificaties Veilig Werken en Meten in de Elektrotechniek, Installeren Buisinstallaties Woningbouw en Utiliteit, Installeren Kabelinstallaties Woningbouw en Utiliteit, Installeren en Onderhouden Elektrische Woning- en Utiliteitsinstallaties en In Bedrijf Stellen Woning- en Utiliteitsinstallaties, en mits de examens voor de genoemde deelkwalificaties zijn onderworpen aan externe legitimering als bedoeld in artikel 7.4.4 van de Wet educatie en beroepsonderwijs.
4. Als bewijsstukken waaruit het voldoen aan de in het
vestigingsbesluitgestelde, tot de beheerder gerichte eisen voor het elektrotechnisch installatiebedrijf moet blijken, worden mede aangewezen de volgende diploma’s, afgegeven ingevolge de
Wet op het voortgezet onderwijs, de Wet op het hoger beroepsonderwijs of de
Wet op het hoger onderwijs en het wetenschappelijk onderzoek:
a. het diploma van de lerarenopleiding hoger beroepsonderwijs, van de afdeling elektrotechniek, afgegeven door het Nederlands Genootschap tot Opleiding van Leraren voor het Beroepsonderwijs, dan wel het getuigschrift hoger (beroeps)onderwijs van het afsluitend examen van de (deeltijdse) lerarenopleiding Elektrotechniek I en Elektrotechniek II, afgegeven door de Pedagogisch Technische Hogeschool Nederland;
b. het diploma hoger technisch onderwijs, van de afdeling elektrotechniek of elektrotechnische bedrijfstechniek;
c. het getuigschrift hoger beroepsonderwijs van het afsluitend examen in de studierichting elektrotechniek; en
d. het diploma of getuigschrift van het doctoraal examen voor Elektrotechnisch ingenieur, afgegeven door een Nederlandse technische hogeschool of -universiteit.
5. Als bewijsstukken waaruit het voldoen aan de in het
vestigingsbesluitgestelde, tot de beheerder gerichte eisen voor het elektrotechnisch installatiebedrijfmoet blijken, worden mede aangewezen:
a. het bewijsstuk, afgegeven door een door de minister ingestelde dan wel aangewezen commissie van deskundigen, waaruit blijkt, dat de houder na het bereiken van de 40-jarige leeftijd met gunstig gevolg een proef inzake vakbekwaamheid voor het elektrotechnisch installateursbedrijf heeft afgelegd, mits mede ondertekend door een vertegenwoordiger van de minister;
b. een verklaring van vakbekwaamheid als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de wet, voor het elektrotechnisch installateursbedrijf;
c. een verklaring van vaktechniek als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de wet, voor het elektrotechnisch installatiebedrijf;
d. de verklaring Vaktechniek voor het elektrotechnisch installatiebedrijf, waaruit blijkt dat is voldaan aan de eisen van Vaktechniek voor het elektrotechnisch installatiebedrijf, bedoeld in het vestigingsbesluit, mits deze verklaring mede is ondertekend door de directeur van STEVES en op de verklaring is vermeld dat STEVES onder toezicht van de minister is gesteld.