BWBR0007727
Geldig vanaf 2004-01-21
Artikel 2
Regeling aanwijzing bewijsstukken bedrijfsleider Vestigingsbesluit bedrijven
1. Als bewijsstukken waaruit het voldoen aan de in het vestigingsbesluitgestelde, tot de bedrijfsleider gerichte eisen voor het bouwbedrijf moet blijken, worden aangewezen:
a. het diploma Bedrijfstechniek voor het bouwbedrijf, mits mede ondertekend door een gecommitteerde van de Stichting Toezicht Examens Vestigingswet (STEVES), en mits op het diploma is vermeld dat de STEVES onder toezicht van de minister staat; en
b. het diploma van vakbekwaamheid burgerlijke- en utiliteitsbouw of grond-, water- en wegenbouw, afgegeven door de stichting Raad van Bestuur voor het Bouwbedrijf of het Algemeen Verbond Bouwbedrijf, mits mede ondertekend door een gecommitteerde van de minister;
c. het diploma hoger technisch onderwijs, dan wel het getuigschrift hoger beroepsonderwijs van het afsluitend examen van de studierichting Bouwtechnische Bedrijfskunde, afgegeven ingevolge de Wet op het voortgezet onderwijs, de Wet op het hoger beroepsonderwijs of de Wet op het hoger onderwijs en het wetenschappelijk onderzoek door de R.K. Hogere technische school of de Hogeschool Midden-Brabant te Tilburg.
2. Als bewijsstukken waaruit het voldoen aan de in het vestigingsbesluitgestelde, tot de bedrijfsleider gerichte eisen voor het bouwbedrijf moet blijken, worden mede aangewezen:
a. het bewijsstuk, afgegeven door een door de minister ingestelde dan wel aangewezen commissie van deskundigen, waaruit blijkt, dat de houder na het bereiken van de 40-jarige leeftijd met gunstig gevolg een proef inzake vakbekwaamheid voor het aannemersbedrijf op het gebied van de burgerlijke- en utiliteitsbouw of de grond-, water- en wegenbouw heeft afgelegd, mits mede ondertekend door een vertegenwoordiger van de minister;
b. een verklaring van vakbekwaamheid als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de wet voor de bedrijven, genoemd onder a;
c. een verklaring van bedrijfstechniek voor het bouwbedrijf als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de wet; en
d. de verklaring Bedrijfstechniek voor het bouwbedrijf, waaruit blijkt dat is voldaan aan de eisen van bedrijfstechniek voor het bouwbedrijf, bedoeld in het vestigingsbesluit, mits deze verklaring mede is ondertekend door een gecommitteerde van STEVES dan wel door de directeur van STEVES en mits op de verklaring is vermeld dat STEVES onder toezicht van de minister is gesteld.
a. het diploma Bedrijfstechniek voor het bouwbedrijf, mits mede ondertekend door een gecommitteerde van de Stichting Toezicht Examens Vestigingswet (STEVES), en mits op het diploma is vermeld dat de STEVES onder toezicht van de minister staat; en
b. het diploma van vakbekwaamheid burgerlijke- en utiliteitsbouw of grond-, water- en wegenbouw, afgegeven door de stichting Raad van Bestuur voor het Bouwbedrijf of het Algemeen Verbond Bouwbedrijf, mits mede ondertekend door een gecommitteerde van de minister;
c. het diploma hoger technisch onderwijs, dan wel het getuigschrift hoger beroepsonderwijs van het afsluitend examen van de studierichting Bouwtechnische Bedrijfskunde, afgegeven ingevolge de Wet op het voortgezet onderwijs, de Wet op het hoger beroepsonderwijs of de Wet op het hoger onderwijs en het wetenschappelijk onderzoek door de R.K. Hogere technische school of de Hogeschool Midden-Brabant te Tilburg.
2. Als bewijsstukken waaruit het voldoen aan de in het vestigingsbesluitgestelde, tot de bedrijfsleider gerichte eisen voor het bouwbedrijf moet blijken, worden mede aangewezen:
a. het bewijsstuk, afgegeven door een door de minister ingestelde dan wel aangewezen commissie van deskundigen, waaruit blijkt, dat de houder na het bereiken van de 40-jarige leeftijd met gunstig gevolg een proef inzake vakbekwaamheid voor het aannemersbedrijf op het gebied van de burgerlijke- en utiliteitsbouw of de grond-, water- en wegenbouw heeft afgelegd, mits mede ondertekend door een vertegenwoordiger van de minister;
b. een verklaring van vakbekwaamheid als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de wet voor de bedrijven, genoemd onder a;
c. een verklaring van bedrijfstechniek voor het bouwbedrijf als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de wet; en
d. de verklaring Bedrijfstechniek voor het bouwbedrijf, waaruit blijkt dat is voldaan aan de eisen van bedrijfstechniek voor het bouwbedrijf, bedoeld in het vestigingsbesluit, mits deze verklaring mede is ondertekend door een gecommitteerde van STEVES dan wel door de directeur van STEVES en mits op de verklaring is vermeld dat STEVES onder toezicht van de minister is gesteld.