BWBR0007513
Geldig vanaf 1995-10-01
Artikel 4
Besluit verklaringhouders Scheepvaartverkeerswet
1. In dit artikel wordt verstaan onder:
a. lage kruiplijn-coaster: zeeschip dat 1°. een lengte over alles heeft van minder dan 110 meter, en
2°. een zodanige vorm of constructie heeft dat het geschikt is voor de vaart op niet-loodsplichtige binnenwateren en daarvoor wordt gebruikt of zal worden gebruikt;
1°. een lengte over alles heeft van minder dan 110 meter, en
2°. een zodanige vorm of constructie heeft dat het geschikt is voor de vaart op niet-loodsplichtige binnenwateren en daarvoor wordt gebruikt of zal worden gebruikt;
b. Denemarkenvaarder: zeeschip dat als zodanig is opgenomen in het Register loodsplicht kleine zeeschepen, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Loodsplichtbesluit 1995;
c. binnen/buiten-schip: zeeschip dat als zodanig is opgenomen in het Register loodsplicht kleine zeeschepen, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Loodsplichtbesluit 1995;
2. In afwijking van artikel 3, eerste lid, onderdeel a, 2°, dient de aanvrager die optreedt als verkeersdeelnemer op een lage kruiplijn-coaster, Denemarkenvaarder of binnen/buiten-schip voldoende bewijsstukken over te leggen waaruit blijkt dat hij de betreffende scheepvaartweg ten minste zes maal per jaar naar zee gaand of ten minste zes maal per jaar van zee komend zal bevaren.
3. Op lage kruiplijn-coasters is artikel 6 van het Loodsplichtbesluit 1995, van overeenkomstige toepassing.
a. lage kruiplijn-coaster: zeeschip dat 1°. een lengte over alles heeft van minder dan 110 meter, en
2°. een zodanige vorm of constructie heeft dat het geschikt is voor de vaart op niet-loodsplichtige binnenwateren en daarvoor wordt gebruikt of zal worden gebruikt;
1°. een lengte over alles heeft van minder dan 110 meter, en
2°. een zodanige vorm of constructie heeft dat het geschikt is voor de vaart op niet-loodsplichtige binnenwateren en daarvoor wordt gebruikt of zal worden gebruikt;
b. Denemarkenvaarder: zeeschip dat als zodanig is opgenomen in het Register loodsplicht kleine zeeschepen, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Loodsplichtbesluit 1995;
c. binnen/buiten-schip: zeeschip dat als zodanig is opgenomen in het Register loodsplicht kleine zeeschepen, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Loodsplichtbesluit 1995;
2. In afwijking van artikel 3, eerste lid, onderdeel a, 2°, dient de aanvrager die optreedt als verkeersdeelnemer op een lage kruiplijn-coaster, Denemarkenvaarder of binnen/buiten-schip voldoende bewijsstukken over te leggen waaruit blijkt dat hij de betreffende scheepvaartweg ten minste zes maal per jaar naar zee gaand of ten minste zes maal per jaar van zee komend zal bevaren.
3. Op lage kruiplijn-coasters is artikel 6 van het Loodsplichtbesluit 1995, van overeenkomstige toepassing.