BWBR0007081
Geldig vanaf 1995-01-01
Artikel 23
Erkenningsregeling snelheidsbegrenzers
1. Nadat de installatie is voltooid en, indien de verzegeling van het controleapparaat overeenkomstig het gestelde in artikel 17is verbroken, nadat deze door een erkende installateur van snelheidsbegrenzers of controleapparaten opnieuw is aangebracht, moeten door middel van datacommunicatie de volgende gegevens aan de RDW worden gemeld:
a. indien het voertuig is voorzien van een kenteken: het kenteken en de meldcode gevormd door de laatste vier cijfers van het chassisnummer;
het kenteken en de meldcode gevormd door de laatste vier cijfers van het chassisnummer;
b. indien het voertuig nog niet is voorzien van een kenteken: het volledige chassisnummer.
het volledige chassisnummer.
2. In geval van een mobiele installatie-eenheid moet in aanvulling op het eerste lid tevens het adres en de postcode van de werkplaats waar de installatie is verricht, worden gemeld.
3. De door de directeur gegeven aanwijzingen met betrekking tot de melding moeten in acht worden genomen.
a. indien het voertuig is voorzien van een kenteken: het kenteken en de meldcode gevormd door de laatste vier cijfers van het chassisnummer;
het kenteken en de meldcode gevormd door de laatste vier cijfers van het chassisnummer;
b. indien het voertuig nog niet is voorzien van een kenteken: het volledige chassisnummer.
het volledige chassisnummer.
2. In geval van een mobiele installatie-eenheid moet in aanvulling op het eerste lid tevens het adres en de postcode van de werkplaats waar de installatie is verricht, worden gemeld.
3. De door de directeur gegeven aanwijzingen met betrekking tot de melding moeten in acht worden genomen.