BWBR0006982
Geldig vanaf 2005-09-14
Artikel 18
Warenwetbesluit Zuivel
1. Als methoden van onderzoek welke bij uitsluiting beslissend zijn voor de vaststelling of met betrekking tot de bij dit besluit bedoelde waren al dan niet is voldaan aan de bij of krachtens dit besluit gestelde regels, worden aangewezen microbiologische onderzoekingsmethoden, chromatografische en andere scheidingsmethoden, organoleptische bepalingsmethoden en detectiemethoden, alsmede de daartoe door een andere lid-staat van de Europese Unie aangewezen methoden.
2. In afwijking van het eerste lid worden aangewezen als methoden van onderzoek welke bij uitsluiting beslissend zijn voor de vaststelling of met betrekking tot geheel of gedeeltelijk gedehydrateerde verduurzaamde melk al dan niet is voldaan aan de bij of krachtens dit besluit gestelde regels, de communautaire analyse-methoden, bedoeld in Richtlijn 79/1067/EEG.
3. In afwijking van het eerste lid worden aangewezen als methoden van onderzoek welke bij uitsluiting beslissend zijn voor de vaststelling of met betrekking tot voor menselijke voeding bestemde caseïnen en caseïnaten al dan niet is aan de bij of krachtens dit besluit gestelde regels, de communautaire analyse-methoden, bedoeld in Richtlijn 85/503/EEG.
4. Onze Minister kan ter uitvoering van een krachtens het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap of krachtens het Verdrag tot instelling van de Benelux Economische Unie tot stand gekomen bindende regeling, nadere regels stellen met betrekking tot het eerste lid, voor zover die bindende regeling de Nederlandse wetgever, behoudens op ondergeschikte punten, geen ruimte laat voor het maken van keuzen van beleidsinhoudelijke aard.
5. Onze Minister kan, in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, nadere regels stellen met betrekking tot het eerste lid.
2. In afwijking van het eerste lid worden aangewezen als methoden van onderzoek welke bij uitsluiting beslissend zijn voor de vaststelling of met betrekking tot geheel of gedeeltelijk gedehydrateerde verduurzaamde melk al dan niet is voldaan aan de bij of krachtens dit besluit gestelde regels, de communautaire analyse-methoden, bedoeld in Richtlijn 79/1067/EEG.
3. In afwijking van het eerste lid worden aangewezen als methoden van onderzoek welke bij uitsluiting beslissend zijn voor de vaststelling of met betrekking tot voor menselijke voeding bestemde caseïnen en caseïnaten al dan niet is aan de bij of krachtens dit besluit gestelde regels, de communautaire analyse-methoden, bedoeld in Richtlijn 85/503/EEG.
4. Onze Minister kan ter uitvoering van een krachtens het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap of krachtens het Verdrag tot instelling van de Benelux Economische Unie tot stand gekomen bindende regeling, nadere regels stellen met betrekking tot het eerste lid, voor zover die bindende regeling de Nederlandse wetgever, behoudens op ondergeschikte punten, geen ruimte laat voor het maken van keuzen van beleidsinhoudelijke aard.
5. Onze Minister kan, in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, nadere regels stellen met betrekking tot het eerste lid.