BWBR0006824
Geldig vanaf 1994-07-08
Artikel 5
Afkoopregeling
1. In de statuten en reglementen van een pensioenfonds kan worden bepaald dat bij beëindiging van de deelneming anders dan door overlijden of het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd afkoop van premievrije pensioenaanspraken onder terhandstelling van de afkoopsom aan de gewezen deelnemer op diens verzoek mogelijk is, indien hij korter dan een jaar aan de regeling inzake ouderdomspensioen van dat fonds heeft deelgenomen, tenzij hij pensioenaanspraken heeft ingebracht. De afkoopsom bedraagt tenminste een bedrag gelijk aan de door de gewezen deelnemer betaalde bijdragen voor ouderdomspensioen. De statuten en reglementen van het fonds kunnen in plaats van het tijdstip van beëindiging van de deelneming een later tijdstip voor uitbetaling van de afkoopsom noemen, doch niet later dan twee jaar na het eindigen van de deelneming, noch later dan het tijdstip waarop de pensioengerechtigde leeftijd wordt bereikt.
2. In de verzekeringsovereenkomsten kan een beding opgenomen worden ingevolge hetwelk bij het ophouden aan de onderneming verbonden te zijn op verzoek van de verzekerde afkoop van premievrije pensioenaanspraken onder terhandstelling van de afkoopsom aan de verzekeringnemer mogelijk is, indien de verzekerde binnen een jaar na ingang van de verzekering van ouderdomspensioen anders dan door overlijden of het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd ophoudt aan de onderneming verbonden te zijn, tenzij hij pensioenaanspraken heeft ingebracht. Het bepaalde in de vorige volzin doet geen afbreuk aan het recht van de verzekerde jegens de verzekeringsnemer op een uitkering gelijk aan de door hem betaalde bijdragen voor ouderdomspensioen.
3. In die gevallen dat een toezegging omtrent pensioen wordt gedaan en artikel 2, eerste lid, van de wet niet van toepassing is, kunnen bij het ophouden aan de onderneming verbonden te zijn op verzoek van de persoon aan wie de pensioentoezegging is gedaan de premievrije pensioen-aanspraken worden afgekocht onder terhandstelling van de afkoopsom aan deze persoon, indien hij binnen een jaar na ingang van de verzekering van ouderdomspensioen anders dan door overlijden of het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd ophoudt aan de onderneming verbonden te zijn, tenzij hij pensioenaanspraken heeft ingebracht. De vorige volzin doet geen afbreuk aan het recht van de persoon aan wie de pensioentoezegging is gedaan op een uitkering gelijk aan de door hem betaalde bijdragen voor ouderdomspensioen.
2. In de verzekeringsovereenkomsten kan een beding opgenomen worden ingevolge hetwelk bij het ophouden aan de onderneming verbonden te zijn op verzoek van de verzekerde afkoop van premievrije pensioenaanspraken onder terhandstelling van de afkoopsom aan de verzekeringnemer mogelijk is, indien de verzekerde binnen een jaar na ingang van de verzekering van ouderdomspensioen anders dan door overlijden of het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd ophoudt aan de onderneming verbonden te zijn, tenzij hij pensioenaanspraken heeft ingebracht. Het bepaalde in de vorige volzin doet geen afbreuk aan het recht van de verzekerde jegens de verzekeringsnemer op een uitkering gelijk aan de door hem betaalde bijdragen voor ouderdomspensioen.
3. In die gevallen dat een toezegging omtrent pensioen wordt gedaan en artikel 2, eerste lid, van de wet niet van toepassing is, kunnen bij het ophouden aan de onderneming verbonden te zijn op verzoek van de persoon aan wie de pensioentoezegging is gedaan de premievrije pensioen-aanspraken worden afgekocht onder terhandstelling van de afkoopsom aan deze persoon, indien hij binnen een jaar na ingang van de verzekering van ouderdomspensioen anders dan door overlijden of het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd ophoudt aan de onderneming verbonden te zijn, tenzij hij pensioenaanspraken heeft ingebracht. De vorige volzin doet geen afbreuk aan het recht van de persoon aan wie de pensioentoezegging is gedaan op een uitkering gelijk aan de door hem betaalde bijdragen voor ouderdomspensioen.