BWBR0006810
Geldig vanaf 1994-07-14
Artikel 4
Regeling oogstschade 1993 Noord-Nederland
1. De bijdrage in het kader van deze paragraaf bestaat uit de som van de voor consumptie-aardappelen, pootaardappelen, fabrieksaardappelen en groenten en bloemen steeds afzonderlijk overeenkomstig de volgende formule te berekenen vergoedingen:
(a – 0.3 * b) * c
waarbij
a = de oppervlakte in hectaren, beteeld met de betrokken categorie schadegewassen, welke blijkens de aangifte niet kon worden geoogst;
b = de totaal in 1993 geteelde oppervlakte in hectaren van de betrokken categorie schadegewassen, zoals vastgesteld overeenkomstig artikel 3;
c = – voor consumptie-aardappelen: f 6.500,= ;
voor pootaardappelen: f 8.500,= ;
voor fabrieksaardappelen: f 4.700,= ;
voor groenten en bloemen: het bedrag, berekend overeenkomstig het tweede lid.
Indien uit de aangifte blijkt, dat de oppervlakte van een categorie schadegewassen, welke niet kon worden geoogst, groter is dan het blijkens de landbouwtelling in 1993 geteelde areaal, wordt voor de toepassing van bovenstaande formule b gelijkgesteld aan a.
2. Voor de categorie groenten en bloemen geldt dat c = het bedrag, verkregen door toepassing van de formule
[tabel]
waarbij
w = de oppervlakte in hectaren, beteeld met groenten en bloemen, welke blijkens de aangifte niet kon worden geoogst;
x = de oppervlakte in hectaren, beteeld met boerenkool, stambonen of spinazie, welke blijkens de aangifte niet kon worden geoogst;
y = de oppervlakte in hectaren, beteeld met witlofwortelen, welke blijkens de aangifte niet kon worden geoogst;
z = de oppervlakte in hectaren, beteeld met overige vollegrondsgroenten of droogbloemen, welke blijkens de aangifte niet kon worden geoogst.
3. Indien bij toepassing van de in het eerste lid genoemde formule negatieve bedragen ontstaan, bedraagt de vergoeding voor de betrokken categorie schadegewassen f 0,=.
(a – 0.3 * b) * c
waarbij
a = de oppervlakte in hectaren, beteeld met de betrokken categorie schadegewassen, welke blijkens de aangifte niet kon worden geoogst;
b = de totaal in 1993 geteelde oppervlakte in hectaren van de betrokken categorie schadegewassen, zoals vastgesteld overeenkomstig artikel 3;
c = – voor consumptie-aardappelen: f 6.500,= ;
voor pootaardappelen: f 8.500,= ;
voor fabrieksaardappelen: f 4.700,= ;
voor groenten en bloemen: het bedrag, berekend overeenkomstig het tweede lid.
Indien uit de aangifte blijkt, dat de oppervlakte van een categorie schadegewassen, welke niet kon worden geoogst, groter is dan het blijkens de landbouwtelling in 1993 geteelde areaal, wordt voor de toepassing van bovenstaande formule b gelijkgesteld aan a.
2. Voor de categorie groenten en bloemen geldt dat c = het bedrag, verkregen door toepassing van de formule
[tabel]
waarbij
w = de oppervlakte in hectaren, beteeld met groenten en bloemen, welke blijkens de aangifte niet kon worden geoogst;
x = de oppervlakte in hectaren, beteeld met boerenkool, stambonen of spinazie, welke blijkens de aangifte niet kon worden geoogst;
y = de oppervlakte in hectaren, beteeld met witlofwortelen, welke blijkens de aangifte niet kon worden geoogst;
z = de oppervlakte in hectaren, beteeld met overige vollegrondsgroenten of droogbloemen, welke blijkens de aangifte niet kon worden geoogst.
3. Indien bij toepassing van de in het eerste lid genoemde formule negatieve bedragen ontstaan, bedraagt de vergoeding voor de betrokken categorie schadegewassen f 0,=.