BWBR0006732
Geldig vanaf 2000-01-01
Artikel 4
Besluit technische voorzieningen verzekeringsbedrijf 1994
1. Indien de verplichtingen uit overeenkomsten van verzekering op het tijdstip van het opmaken van de jaarrekening redelijkerwijs niet te schatten zijn wegens het ontbreken van voldoende nauwkeurige gegevens met betrekking tot de over het tekenjaar te ontvangen premies of te betalen schaden en kosten van afwikkeling van de schade, kan, in afwijking van artikel 3:
a. als voorziening voor te betalen schaden of voor te betalen uitkeringen worden opgenomen: 1°. een percentage van de geboekte premies met betrekking tot het tekenjaar waarin de overeenkomsten een aanvang nemen, of
2°. het positieve verschil tussen enerzijds de geboekte premies en anderzijds de betaalde schaden en kosten van afwikkeling van de schaden met betrekking tot het tekenjaar waarin de overeenkomsten een aanvang nemen; of
1°. een percentage van de geboekte premies met betrekking tot het tekenjaar waarin de overeenkomsten een aanvang nemen, of
2°. het positieve verschil tussen enerzijds de geboekte premies en anderzijds de betaalde schaden en kosten van afwikkeling van de schaden met betrekking tot het tekenjaar waarin de overeenkomsten een aanvang nemen; of
b. ter bepaling van de voorziening voor te betalen schaden of voor te betalen uitkeringen gebruik worden gemaakt van gegevens, bedoeld in onderdeel a, die betrekking hebben op een jaar dat ten hoogste twaalf maanden aan het boekjaar voorafgaat.
2. De overeenkomstig het eerste lid bepaalde voorziening moet te allen tijde toereikend zijn om aan de verplichtingen uit overeenkomsten van verzekering te voldoen.
3. Het bedrag van de voorziening volgens de methode als bedoeld in het eerste lid, onderdeel aof b, wordt, zodra dat nodig blijkt, zodanig verhoogd tot het toereikend is om aan de huidige en toekomstige verplichtingen te voldoen.
4. Indien de berekening, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, wordt toegepast, wordt zodra voldoende nauwkeurige gegevens, bedoeld in het eerste lid, aanhef, bekend zijn, doch uiterlijk aan het einde van het derde boekjaar volgend op het in het eerste lid bedoelde tekenjaar, de voorziening voor te betalen schaden of voor te betalen uitkeringen overeenkomstig artikel 3bepaald.
a. als voorziening voor te betalen schaden of voor te betalen uitkeringen worden opgenomen: 1°. een percentage van de geboekte premies met betrekking tot het tekenjaar waarin de overeenkomsten een aanvang nemen, of
2°. het positieve verschil tussen enerzijds de geboekte premies en anderzijds de betaalde schaden en kosten van afwikkeling van de schaden met betrekking tot het tekenjaar waarin de overeenkomsten een aanvang nemen; of
1°. een percentage van de geboekte premies met betrekking tot het tekenjaar waarin de overeenkomsten een aanvang nemen, of
2°. het positieve verschil tussen enerzijds de geboekte premies en anderzijds de betaalde schaden en kosten van afwikkeling van de schaden met betrekking tot het tekenjaar waarin de overeenkomsten een aanvang nemen; of
b. ter bepaling van de voorziening voor te betalen schaden of voor te betalen uitkeringen gebruik worden gemaakt van gegevens, bedoeld in onderdeel a, die betrekking hebben op een jaar dat ten hoogste twaalf maanden aan het boekjaar voorafgaat.
2. De overeenkomstig het eerste lid bepaalde voorziening moet te allen tijde toereikend zijn om aan de verplichtingen uit overeenkomsten van verzekering te voldoen.
3. Het bedrag van de voorziening volgens de methode als bedoeld in het eerste lid, onderdeel aof b, wordt, zodra dat nodig blijkt, zodanig verhoogd tot het toereikend is om aan de huidige en toekomstige verplichtingen te voldoen.
4. Indien de berekening, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, wordt toegepast, wordt zodra voldoende nauwkeurige gegevens, bedoeld in het eerste lid, aanhef, bekend zijn, doch uiterlijk aan het einde van het derde boekjaar volgend op het in het eerste lid bedoelde tekenjaar, de voorziening voor te betalen schaden of voor te betalen uitkeringen overeenkomstig artikel 3bepaald.