BWBR0006723
Geldig vanaf 1994-10-01
Artikel 99
Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens
1. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan een regeling worden getroffen omtrent de systematische verstrekking van algemene en verwijsgegevens aan:
a. pensioenfondsen, premiepensioeninstellingen, verzekeraars die overeenkomstig een wettelijke regeling betreffende pensioenvoorzieningen belast zijn met de uitvoering van pensioenregelingen, spaarfondsen en fondsen tot uitvoering van een regeling inzake vervroegd uittreden,
b. banken, effecteninstellingen, verzekeraars en beleggingsinstellingen die aanspraken van gerechtigden op, al dan niet op termijn opvorderbare gelden, effecten of goederen op de instelling of verzekeraar moeten honoreren,
c. zorgverzekeraars die overeenkomstig een wettelijke regeling zorgverzekeringen aanbieden en uitvoeren,
voor zover deze gegevens noodzakelijk zijn voor de vervulling van hun bovengenoemde taak en voor zover de verstrekking haar grond vindt in de uitvoering van een algemeen verbindend voorschrift dan wel in het verwerken van persoonsgegevens op een wijze die toelaatbaar is ingevolge de <a href="/wet/BWBR0011468" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet bescherming persoonsgegevens</a>. De maatregel bepaalt welke fondsen, verzekeraars en instellingen voor de verstrekking in aanmerking komen. Artikel 88, tweede, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan een regeling worden getroffen omtrent de systematische verstrekking van algemene en verwijsgegevens over de naam, de geslachtsnaam van de echtgenoot, de eerdere echtgenoot, de geregistreerde partner of de eerdere geregistreerde partner, het gebruik door de ingeschrevene van de geslachtsnaam van de echtgenoot, de eerdere echtgenoot, de geregistreerde partner of de eerdere geregistreerde partner, het adres, de gemeente van inschrijving, de geboortedatum, de datum van overlijden en het administratienummer aan één samenwerkingsverband van kerkgenootschappen of andere genootschappen op geestelijke grondslag, voor zover deze gegevens noodzakelijk zijn voor het verwerken van persoonsgegevens betreffende de tot de genootschappen behorende leden op een wijze die toelaatbaar is ingevolge de <a href="/wet/BWBR0011468" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet bescherming persoonsgegevens</a>. De maatregel bepaalt welk samenwerkingsverband voor de verstrekking in aanmerking komt. Artikel 88, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan een regeling worden getroffen omtrent de systematische verstrekking van algemene en verwijsgegevens aan instellingen en voorzieningen voor onderwijs, gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening, voor zover deze gegevens noodzakelijk zijn voor de vervulling van hun taak en voor zover de verstrekking haar grond vindt in de uitvoering van een algemeen verbindend voorschrift dan wel in het verwerken van persoonsgegevens op een wijze die toelaatbaar is ingevolge de <a href="/wet/BWBR0011468" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet bescherming persoonsgegevens</a>. De maatregel bepaalt welke instellingen en voorzieningen voor de verstrekking in aanmerking komen. Artikel 88, tweede, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
4. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan een regeling worden getroffen omtrent de systematische verstrekking van algemene en verwijsgegevens aan de Stichting Centraal Bureau voor Genealogie, voor zover deze gegevens noodzakelijk zijn voor de bijhouding van een registratie betreffende overleden personen. Artikel 88, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
5. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan een regeling worden getroffen omtrent de systematische verstrekking van algemene en verwijsgegevens aan instellingen die tot taak hebben om een registratie in stand te houden betreffende kredieten of schulden van natuurlijke personen, voor zover in de reglementen van de instelling ten aanzien van de uitvoering van deze taak is vastgelegd dat:
a. gegevens in de registratie worden verwerkt ter voorkoming van overkreditering of problematische groei van schulden bij natuurlijke personen, en
b. gegevens uit de basisadministratie uitsluitend worden verwerkt met het oog op de verificatie van de identiteit van de betrokkene bij het aangaan van nieuwe financiële verplichtingen of een traject van schuldhulpverlening.
De maatregel voorziet slechts in systematische verstrekking van gegevens aan een instelling voor zover deze gegevens noodzakelijk zijn voor de vervulling van de bovengenoemde taak en voor zover de verstrekking haar grond vindt in de uitvoering van een algemeen verbindend voorschrift dan wel in het verwerken van persoonsgegevens op een wijze die toelaatbaar is ingevolge de <a href="/wet/BWBR0011468" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet bescherming persoonsgegevens</a>. De maatregel bepaalt welke instellingen voor de verstrekking in aanmerking komen. Artikel 88, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
6. In de regeling, bedoeld in het eerste tot en met het vijfde lid, worden regels gesteld over de bescherming van de persoonlijke levenssfeer.
7. De voordracht voor een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste tot en met het vijfde lid, wordt niet eerder gedaan dan dertig dagen nadat het ontwerp aan de beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
8. De verstrekking van gegevens overeenkomstig het eerste tot en met het vijfde lid, kan alleen geschieden op grond van een besluit van Onze Minister. Artikel 91, tweede, derde en vijfde tot en met zevende lid, is van overeenkomstige toepassing.
9. Aan een in dit artikel bedoelde derde worden gegevens verstrekt op grond van het besluit, onverminderd de verstrekking die op grond van de artikelen 98en 100plaats kan vinden.
10. Op het verstrekken van gegevens krachtens dit artikel zijn de artikelen 92en 95van overeenkomstige toepassing.
a. pensioenfondsen, premiepensioeninstellingen, verzekeraars die overeenkomstig een wettelijke regeling betreffende pensioenvoorzieningen belast zijn met de uitvoering van pensioenregelingen, spaarfondsen en fondsen tot uitvoering van een regeling inzake vervroegd uittreden,
b. banken, effecteninstellingen, verzekeraars en beleggingsinstellingen die aanspraken van gerechtigden op, al dan niet op termijn opvorderbare gelden, effecten of goederen op de instelling of verzekeraar moeten honoreren,
c. zorgverzekeraars die overeenkomstig een wettelijke regeling zorgverzekeringen aanbieden en uitvoeren,
voor zover deze gegevens noodzakelijk zijn voor de vervulling van hun bovengenoemde taak en voor zover de verstrekking haar grond vindt in de uitvoering van een algemeen verbindend voorschrift dan wel in het verwerken van persoonsgegevens op een wijze die toelaatbaar is ingevolge de <a href="/wet/BWBR0011468" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet bescherming persoonsgegevens</a>. De maatregel bepaalt welke fondsen, verzekeraars en instellingen voor de verstrekking in aanmerking komen. Artikel 88, tweede, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan een regeling worden getroffen omtrent de systematische verstrekking van algemene en verwijsgegevens over de naam, de geslachtsnaam van de echtgenoot, de eerdere echtgenoot, de geregistreerde partner of de eerdere geregistreerde partner, het gebruik door de ingeschrevene van de geslachtsnaam van de echtgenoot, de eerdere echtgenoot, de geregistreerde partner of de eerdere geregistreerde partner, het adres, de gemeente van inschrijving, de geboortedatum, de datum van overlijden en het administratienummer aan één samenwerkingsverband van kerkgenootschappen of andere genootschappen op geestelijke grondslag, voor zover deze gegevens noodzakelijk zijn voor het verwerken van persoonsgegevens betreffende de tot de genootschappen behorende leden op een wijze die toelaatbaar is ingevolge de <a href="/wet/BWBR0011468" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet bescherming persoonsgegevens</a>. De maatregel bepaalt welk samenwerkingsverband voor de verstrekking in aanmerking komt. Artikel 88, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan een regeling worden getroffen omtrent de systematische verstrekking van algemene en verwijsgegevens aan instellingen en voorzieningen voor onderwijs, gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening, voor zover deze gegevens noodzakelijk zijn voor de vervulling van hun taak en voor zover de verstrekking haar grond vindt in de uitvoering van een algemeen verbindend voorschrift dan wel in het verwerken van persoonsgegevens op een wijze die toelaatbaar is ingevolge de <a href="/wet/BWBR0011468" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet bescherming persoonsgegevens</a>. De maatregel bepaalt welke instellingen en voorzieningen voor de verstrekking in aanmerking komen. Artikel 88, tweede, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
4. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan een regeling worden getroffen omtrent de systematische verstrekking van algemene en verwijsgegevens aan de Stichting Centraal Bureau voor Genealogie, voor zover deze gegevens noodzakelijk zijn voor de bijhouding van een registratie betreffende overleden personen. Artikel 88, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
5. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan een regeling worden getroffen omtrent de systematische verstrekking van algemene en verwijsgegevens aan instellingen die tot taak hebben om een registratie in stand te houden betreffende kredieten of schulden van natuurlijke personen, voor zover in de reglementen van de instelling ten aanzien van de uitvoering van deze taak is vastgelegd dat:
a. gegevens in de registratie worden verwerkt ter voorkoming van overkreditering of problematische groei van schulden bij natuurlijke personen, en
b. gegevens uit de basisadministratie uitsluitend worden verwerkt met het oog op de verificatie van de identiteit van de betrokkene bij het aangaan van nieuwe financiële verplichtingen of een traject van schuldhulpverlening.
De maatregel voorziet slechts in systematische verstrekking van gegevens aan een instelling voor zover deze gegevens noodzakelijk zijn voor de vervulling van de bovengenoemde taak en voor zover de verstrekking haar grond vindt in de uitvoering van een algemeen verbindend voorschrift dan wel in het verwerken van persoonsgegevens op een wijze die toelaatbaar is ingevolge de <a href="/wet/BWBR0011468" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet bescherming persoonsgegevens</a>. De maatregel bepaalt welke instellingen voor de verstrekking in aanmerking komen. Artikel 88, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
6. In de regeling, bedoeld in het eerste tot en met het vijfde lid, worden regels gesteld over de bescherming van de persoonlijke levenssfeer.
7. De voordracht voor een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste tot en met het vijfde lid, wordt niet eerder gedaan dan dertig dagen nadat het ontwerp aan de beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
8. De verstrekking van gegevens overeenkomstig het eerste tot en met het vijfde lid, kan alleen geschieden op grond van een besluit van Onze Minister. Artikel 91, tweede, derde en vijfde tot en met zevende lid, is van overeenkomstige toepassing.
9. Aan een in dit artikel bedoelde derde worden gegevens verstrekt op grond van het besluit, onverminderd de verstrekking die op grond van de artikelen 98en 100plaats kan vinden.
10. Op het verstrekken van gegevens krachtens dit artikel zijn de artikelen 92en 95van overeenkomstige toepassing.