BWBR0006515
Geldig vanaf 1994-04-01
Artikel 4
Besluit subsidies energieprogramma's
1. Als projectkosten worden uitsluitend in aanmerking genomen:
a. de volgende rechtstreeks aan het project toe te rekenen en door de subsidie-ontvanger in de bij de subsidieverlening vermelde periode gemaakte en betaalde kosten: 1°. loonkosten, met dien verstande dat wordt uitgegaan van een uurloon, berekend op basis van het jaarloon bij een volledige dienstbetrekking volgens de kolom «loon voor de loonbelasting» van de loonstaat van het betrokken directe personeel, verhoogd met de wettelijke dan wel de op grond van een individuele of collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, en van 1600 productieve uren per jaar;
2°. kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen, gebaseerd op historische aanschafprijzen, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
3°. de kosten van aanschaf van machines en apparatuur, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
4°. aan derden verschuldigde kosten ter zake van door hen verleende diensten en ter zake van de verwerving van kennis en intellectuele eigendomsrechten alsmede ter zake van de bescherming van die rechten, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
5°. reis- en verblijfkosten alsmede kosten van deelneming aan wetenschappelijke symposia, tot een maximum van 10 procent van de projectkosten;
1°. loonkosten, met dien verstande dat wordt uitgegaan van een uurloon, berekend op basis van het jaarloon bij een volledige dienstbetrekking volgens de kolom «loon voor de loonbelasting» van de loonstaat van het betrokken directe personeel, verhoogd met de wettelijke dan wel de op grond van een individuele of collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, en van 1600 productieve uren per jaar;
2°. kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen, gebaseerd op historische aanschafprijzen, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
3°. de kosten van aanschaf van machines en apparatuur, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
4°. aan derden verschuldigde kosten ter zake van door hen verleende diensten en ter zake van de verwerving van kennis en intellectuele eigendomsrechten alsmede ter zake van de bescherming van die rechten, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
5°. reis- en verblijfkosten alsmede kosten van deelneming aan wetenschappelijke symposia, tot een maximum van 10 procent van de projectkosten;
b. een opslag voor algemene kosten, groot 40 procent van de onder a, aanhef en onder 1°, bedoelde loonkosten.
2. Indien geen loonkosten als bedoeld in het eerste lid, onder a, 1°, worden gemaakt, maar niettemin arbeid ten behoeve van het project wordt verricht, kan Onze Minister daarvoor een redelijk bedrag vaststellen, dat als projectkosten mede in aanmerking wordt genomen.
3. Indien machines en apparatuur worden aangeschaft door middel van een lease-overeenkomst, is het vereiste dat de projectkosten moeten zijn betaald niet van toepassing en wordt als kosten van aanschaf in aanmerking genomen de contante waarde van de in totaal verschuldigde lease-termijnen, verdisconteerd op jaarbasis tegen een bij regeling van Onze Minister vast te stellen percentage.
4. Indien de kosten van aanschaf van machines en apparatuur slechts gedeeltelijk aan het project zijn toe te rekenen, wordt als projectkosten in aanmerking genomen een evenredig deel van de kosten van afschrijving van de machines en apparatuur, berekend op basis van de historische aanschafwaarde exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep, een lineaire afschrijvingsmethode en een levensduur van 5 jaar.
5. In geval van een haalbaarheidsproject en een onderzoeks- of ontwikkelingsproject kan Onze Minister toestaan dat in afwijking van het eerste lid het uurloon en de opslag voor algemene kosten worden vastgesteld overeenkomstig een in de gehele organisatie van de aanvrager gebruikelijke, controleerbare methodiek.
6. De projectkosten worden in aanmerking genomen met inbegrip van omzetbelasting, indien de subsidie-ontvanger omzetbelasting niet kan verrekenen met door hem af te dragen omzetbelasting.
7. Voor demonstratie- en marktintroductieprojecten worden als projectkosten uitsluitend in aanmerking genomen de extra investeringskosten die noodzakelijk zijn voor de verwezenlijking van de energiebesparing of de ingebruikneming van de hernieuwbare energiebron.
a. de volgende rechtstreeks aan het project toe te rekenen en door de subsidie-ontvanger in de bij de subsidieverlening vermelde periode gemaakte en betaalde kosten: 1°. loonkosten, met dien verstande dat wordt uitgegaan van een uurloon, berekend op basis van het jaarloon bij een volledige dienstbetrekking volgens de kolom «loon voor de loonbelasting» van de loonstaat van het betrokken directe personeel, verhoogd met de wettelijke dan wel de op grond van een individuele of collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, en van 1600 productieve uren per jaar;
2°. kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen, gebaseerd op historische aanschafprijzen, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
3°. de kosten van aanschaf van machines en apparatuur, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
4°. aan derden verschuldigde kosten ter zake van door hen verleende diensten en ter zake van de verwerving van kennis en intellectuele eigendomsrechten alsmede ter zake van de bescherming van die rechten, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
5°. reis- en verblijfkosten alsmede kosten van deelneming aan wetenschappelijke symposia, tot een maximum van 10 procent van de projectkosten;
1°. loonkosten, met dien verstande dat wordt uitgegaan van een uurloon, berekend op basis van het jaarloon bij een volledige dienstbetrekking volgens de kolom «loon voor de loonbelasting» van de loonstaat van het betrokken directe personeel, verhoogd met de wettelijke dan wel de op grond van een individuele of collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, en van 1600 productieve uren per jaar;
2°. kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen, gebaseerd op historische aanschafprijzen, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
3°. de kosten van aanschaf van machines en apparatuur, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
4°. aan derden verschuldigde kosten ter zake van door hen verleende diensten en ter zake van de verwerving van kennis en intellectuele eigendomsrechten alsmede ter zake van de bescherming van die rechten, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
5°. reis- en verblijfkosten alsmede kosten van deelneming aan wetenschappelijke symposia, tot een maximum van 10 procent van de projectkosten;
b. een opslag voor algemene kosten, groot 40 procent van de onder a, aanhef en onder 1°, bedoelde loonkosten.
2. Indien geen loonkosten als bedoeld in het eerste lid, onder a, 1°, worden gemaakt, maar niettemin arbeid ten behoeve van het project wordt verricht, kan Onze Minister daarvoor een redelijk bedrag vaststellen, dat als projectkosten mede in aanmerking wordt genomen.
3. Indien machines en apparatuur worden aangeschaft door middel van een lease-overeenkomst, is het vereiste dat de projectkosten moeten zijn betaald niet van toepassing en wordt als kosten van aanschaf in aanmerking genomen de contante waarde van de in totaal verschuldigde lease-termijnen, verdisconteerd op jaarbasis tegen een bij regeling van Onze Minister vast te stellen percentage.
4. Indien de kosten van aanschaf van machines en apparatuur slechts gedeeltelijk aan het project zijn toe te rekenen, wordt als projectkosten in aanmerking genomen een evenredig deel van de kosten van afschrijving van de machines en apparatuur, berekend op basis van de historische aanschafwaarde exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep, een lineaire afschrijvingsmethode en een levensduur van 5 jaar.
5. In geval van een haalbaarheidsproject en een onderzoeks- of ontwikkelingsproject kan Onze Minister toestaan dat in afwijking van het eerste lid het uurloon en de opslag voor algemene kosten worden vastgesteld overeenkomstig een in de gehele organisatie van de aanvrager gebruikelijke, controleerbare methodiek.
6. De projectkosten worden in aanmerking genomen met inbegrip van omzetbelasting, indien de subsidie-ontvanger omzetbelasting niet kan verrekenen met door hem af te dragen omzetbelasting.
7. Voor demonstratie- en marktintroductieprojecten worden als projectkosten uitsluitend in aanmerking genomen de extra investeringskosten die noodzakelijk zijn voor de verwezenlijking van de energiebesparing of de ingebruikneming van de hernieuwbare energiebron.