BWBR0006515
Geldig vanaf 1994-04-01
Artikel 3
Besluit subsidies energieprogramma's
1. Het bedrag van de subsidie wordt bepaald met inachtneming van:
a. de mate waarin de subsidie-ontvanger een eigen belang heeft bij de resultaten van het project,
b. de mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het energieprogramma,
c. het al dan niet toegepast zijn van artikel 2, derde lid, en
d. de mate waarin ter zake van het project andere subsidies en vermindering van belasting kunnen worden verkregen.
2. De subsidie bedraagt ten hoogste:
a. in geval van een onderzoeks- of ontwikkelingsproject: 50 procent van de projectkosten, met dien verstande dat: 1°. indien de aanvrager een instelling van hoger onderwijs of een geheel of hoofdzakelijk door de rijksoverheid gefinancierde onderzoeksinstelling is, subsidie kan worden verstrekt tot ten hoogste 100 procent van de projectkosten,
2°. indien de aanvrager een ondernemer is die een kleine of middelgrote onderneming in stand houdt in de zin van verordening (EG) nr. 70/2001 van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 12 januari 2001 (PbEG L 70) betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen, subsidie kan worden verstrekt tot ten hoogste 60 procent van de projectkosten, en
3°. indien de aanvrager geen ondernemer is en geen instelling als bedoeld onder 1°, subsidie kan worden verstrekt tot ten hoogste 60 procent van de projectkosten;
1°. indien de aanvrager een instelling van hoger onderwijs of een geheel of hoofdzakelijk door de rijksoverheid gefinancierde onderzoeksinstelling is, subsidie kan worden verstrekt tot ten hoogste 100 procent van de projectkosten,
2°. indien de aanvrager een ondernemer is die een kleine of middelgrote onderneming in stand houdt in de zin van verordening (EG) nr. 70/2001 van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 12 januari 2001 (PbEG L 70) betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen, subsidie kan worden verstrekt tot ten hoogste 60 procent van de projectkosten, en
3°. indien de aanvrager geen ondernemer is en geen instelling als bedoeld onder 1°, subsidie kan worden verstrekt tot ten hoogste 60 procent van de projectkosten;
b. in geval van een demonstratieproject: 40 procent van de projectkosten, voor zover deze niet meer bedragen dan € 454 000, en 25 procent van de projectkosten voor zover deze meer bedragen dan € 454 000;
c. in geval van een marktintroductieproject: 40 procent van de projectkosten.
Een wijziging van de in onderdeel a, onder 2°, bedoelde kaderregeling treedt voor de toepassing van dit besluit in werking met ingang van de dag waarop de betrokken wijziging in werking treedt.
Onze Minister kan bij ministeriële regeling, houdende vaststelling van een energieprogramma lagere maximumpercentages per projectsoort alsmede een maximum subsidiebedrag per project vaststellen.
3. De subsidie bedraagt niet meer dan de projectkosten.
4. Indien terzake van de projectkosten of een deel daarvan reeds uit andere hoofde vanwege het rijk of de Commissie van de Europese Gemeenschappen subsidie is verstrekt, wordt slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt, dat het totale bedrag aan subsidie niet meer bedraagt dan de ingevolge het tweede of derde lid maximaal geldende percentages voor de verschillende projecten, met dien verstande dat in geval van een demonstratieproject het totaal aan subsidie niet meer bedraagt dan 40 procent van de projectkosten.
a. de mate waarin de subsidie-ontvanger een eigen belang heeft bij de resultaten van het project,
b. de mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het energieprogramma,
c. het al dan niet toegepast zijn van artikel 2, derde lid, en
d. de mate waarin ter zake van het project andere subsidies en vermindering van belasting kunnen worden verkregen.
2. De subsidie bedraagt ten hoogste:
a. in geval van een onderzoeks- of ontwikkelingsproject: 50 procent van de projectkosten, met dien verstande dat: 1°. indien de aanvrager een instelling van hoger onderwijs of een geheel of hoofdzakelijk door de rijksoverheid gefinancierde onderzoeksinstelling is, subsidie kan worden verstrekt tot ten hoogste 100 procent van de projectkosten,
2°. indien de aanvrager een ondernemer is die een kleine of middelgrote onderneming in stand houdt in de zin van verordening (EG) nr. 70/2001 van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 12 januari 2001 (PbEG L 70) betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen, subsidie kan worden verstrekt tot ten hoogste 60 procent van de projectkosten, en
3°. indien de aanvrager geen ondernemer is en geen instelling als bedoeld onder 1°, subsidie kan worden verstrekt tot ten hoogste 60 procent van de projectkosten;
1°. indien de aanvrager een instelling van hoger onderwijs of een geheel of hoofdzakelijk door de rijksoverheid gefinancierde onderzoeksinstelling is, subsidie kan worden verstrekt tot ten hoogste 100 procent van de projectkosten,
2°. indien de aanvrager een ondernemer is die een kleine of middelgrote onderneming in stand houdt in de zin van verordening (EG) nr. 70/2001 van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 12 januari 2001 (PbEG L 70) betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen, subsidie kan worden verstrekt tot ten hoogste 60 procent van de projectkosten, en
3°. indien de aanvrager geen ondernemer is en geen instelling als bedoeld onder 1°, subsidie kan worden verstrekt tot ten hoogste 60 procent van de projectkosten;
b. in geval van een demonstratieproject: 40 procent van de projectkosten, voor zover deze niet meer bedragen dan € 454 000, en 25 procent van de projectkosten voor zover deze meer bedragen dan € 454 000;
c. in geval van een marktintroductieproject: 40 procent van de projectkosten.
Een wijziging van de in onderdeel a, onder 2°, bedoelde kaderregeling treedt voor de toepassing van dit besluit in werking met ingang van de dag waarop de betrokken wijziging in werking treedt.
Onze Minister kan bij ministeriële regeling, houdende vaststelling van een energieprogramma lagere maximumpercentages per projectsoort alsmede een maximum subsidiebedrag per project vaststellen.
3. De subsidie bedraagt niet meer dan de projectkosten.
4. Indien terzake van de projectkosten of een deel daarvan reeds uit andere hoofde vanwege het rijk of de Commissie van de Europese Gemeenschappen subsidie is verstrekt, wordt slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt, dat het totale bedrag aan subsidie niet meer bedraagt dan de ingevolge het tweede of derde lid maximaal geldende percentages voor de verschillende projecten, met dien verstande dat in geval van een demonstratieproject het totaal aan subsidie niet meer bedraagt dan 40 procent van de projectkosten.