BWBR0006446
Geldig vanaf 1994-07-26
Artikel 6
Overlegbesluit onderwijspersoneel
1. Het secretariaat van het overleg met de Sectorcommissie wordt gevoerd door een door Onze Minister benoemde of aangewezen secretaris, die onder leiding van de voorzitter SCOP mede ter beschikking staat van de Sectorcommissie. De benoeming of aanwijzing van de secretaris geschiedt na overleg met de Sectorcommissie.
2. Van het ter vergadering met de Sectorcommissie behandelde worden door de secretaris notulen gemaakt, die gelijktijdig worden toegezonden aan de voorzitter, de hem eventueel bij het overleg ter zijde staande adviseurs en aan de leden en de plaatsvervangende leden van de Sectorcommissie.
3. De secretaris van het overleg met de Sectorcommissie verleent zijn bemiddeling om aan de leden een lokaliteit beschikbaar te stellen, indien deze leden daartoe een verzoek doen ten behoeve van een door hen te houden beraadslaging.
4. De secretaris draagt er zorg voor dat de Sectorcommissie in afschrift alle stukken ontvangt welke worden toegezonden aan het Werkgeversoverleg.
5. Het eerste lid, het tweede lid, eerste volzin, en het derde lid zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de afdelingen en werkgroepen.
2. Van het ter vergadering met de Sectorcommissie behandelde worden door de secretaris notulen gemaakt, die gelijktijdig worden toegezonden aan de voorzitter, de hem eventueel bij het overleg ter zijde staande adviseurs en aan de leden en de plaatsvervangende leden van de Sectorcommissie.
3. De secretaris van het overleg met de Sectorcommissie verleent zijn bemiddeling om aan de leden een lokaliteit beschikbaar te stellen, indien deze leden daartoe een verzoek doen ten behoeve van een door hen te houden beraadslaging.
4. De secretaris draagt er zorg voor dat de Sectorcommissie in afschrift alle stukken ontvangt welke worden toegezonden aan het Werkgeversoverleg.
5. Het eerste lid, het tweede lid, eerste volzin, en het derde lid zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de afdelingen en werkgroepen.