BWBR0006319
Geldig vanaf 1994-01-01
Artikel 32
Wet privatisering Spoorwegpensioenfonds
1. In afwijking van artikel 38van deze wet blijven de artikelen S 1 en S 2 van de Spoorwegpensioenwet van toepassing ten aanzien van de in die artikelen bedoelde beslissingen die voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet genomen zijn.
2. Voor de toepassing van het eerste lid geldt dat met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet het bestuur van de Stichting Spoorwegpensioenfonds in de plaats treedt van de Raad van toezicht.
3. In afwijking van artikel 38van deze wet is artikel S 2 van de Spoorwegpensioenwet van toepassing op beslissingen van het bestuur van de Stichting Spoorwegpensioenfonds die genomen zijn op grond van het eerste en tweede lid.
4. In afwijking van artikel 38van deze wet zijn de artikelen S 1, S 2 en S 3 van de Spoorwegpensioenwet van overeenkomstige toepassing ten aanzien van besluiten van het bestuur van de Stichting Spoorwegpensioenfonds die genomen zijn naar aanleiding van verzoeken of aanvragen die voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet op basis van de Spoorwegpensioenwet zijn gedaan.
5. Beroepen als bedoeld in artikel S 2 van de Spoorwegpensioenwet worden door de Centrale Raad van Beroep afgehandeld overeenkomstig de bepalingen van de Spoorwegpensioenwet.
2. Voor de toepassing van het eerste lid geldt dat met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet het bestuur van de Stichting Spoorwegpensioenfonds in de plaats treedt van de Raad van toezicht.
3. In afwijking van artikel 38van deze wet is artikel S 2 van de Spoorwegpensioenwet van toepassing op beslissingen van het bestuur van de Stichting Spoorwegpensioenfonds die genomen zijn op grond van het eerste en tweede lid.
4. In afwijking van artikel 38van deze wet zijn de artikelen S 1, S 2 en S 3 van de Spoorwegpensioenwet van overeenkomstige toepassing ten aanzien van besluiten van het bestuur van de Stichting Spoorwegpensioenfonds die genomen zijn naar aanleiding van verzoeken of aanvragen die voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet op basis van de Spoorwegpensioenwet zijn gedaan.
5. Beroepen als bedoeld in artikel S 2 van de Spoorwegpensioenwet worden door de Centrale Raad van Beroep afgehandeld overeenkomstig de bepalingen van de Spoorwegpensioenwet.