BWBR0006176
Geldig vanaf 1993-10-20
Artikel 11
Regeling seinen
De volgende tekens worden gegeven door de bestuurder van een luchtvaartuig vanuit de stuurhut, met zijn handen duidelijk zichtbaar voor de in artikel 8bedoelde seiner, waarbij de handen zonodig verlicht worden:
a. 1. remmen vast: een arm wordt opgeheven met geopende hand, waarna een vuist wordt gemaakt op het moment dat de remmen worden vastgezet;
2. remmen los: een arm wordt opgeheven met gebalde vuist, waarna de vuist wordt geopend op het moment dat de remmen worden losgelaten;
1. remmen vast: een arm wordt opgeheven met geopende hand, waarna een vuist wordt gemaakt op het moment dat de remmen worden vastgezet;
2. remmen los: een arm wordt opgeheven met gebalde vuist, waarna de vuist wordt geopend op het moment dat de remmen worden losgelaten;
b. 1. wielblokken vastzetten: de armen worden – met de handpalm naar buiten – gestrekt en daarna naar binnen bewogen en vóór het gelaat gekruist;
2. wielblokken wegnemen: de armen worden gekruist vóór het gelaat en daarna gestrekt met de handpalm naar buiten;
1. wielblokken vastzetten: de armen worden – met de handpalm naar buiten – gestrekt en daarna naar binnen bewogen en vóór het gelaat gekruist;
2. wielblokken wegnemen: de armen worden gekruist vóór het gelaat en daarna gestrekt met de handpalm naar buiten;
c. klaar om motor(en) te starten: een hand wordt opgestoken, waarbij met het aantal gestrekte vingers wordt aangegeven welke motor klaar is om te worden gestart; de motoren worden aangeduid door opeenvolgende nummering, te beginnen met de buitenste linkermotor, die als nr. 1 wordt aangeduid.
a. 1. remmen vast: een arm wordt opgeheven met geopende hand, waarna een vuist wordt gemaakt op het moment dat de remmen worden vastgezet;
2. remmen los: een arm wordt opgeheven met gebalde vuist, waarna de vuist wordt geopend op het moment dat de remmen worden losgelaten;
1. remmen vast: een arm wordt opgeheven met geopende hand, waarna een vuist wordt gemaakt op het moment dat de remmen worden vastgezet;
2. remmen los: een arm wordt opgeheven met gebalde vuist, waarna de vuist wordt geopend op het moment dat de remmen worden losgelaten;
b. 1. wielblokken vastzetten: de armen worden – met de handpalm naar buiten – gestrekt en daarna naar binnen bewogen en vóór het gelaat gekruist;
2. wielblokken wegnemen: de armen worden gekruist vóór het gelaat en daarna gestrekt met de handpalm naar buiten;
1. wielblokken vastzetten: de armen worden – met de handpalm naar buiten – gestrekt en daarna naar binnen bewogen en vóór het gelaat gekruist;
2. wielblokken wegnemen: de armen worden gekruist vóór het gelaat en daarna gestrekt met de handpalm naar buiten;
c. klaar om motor(en) te starten: een hand wordt opgestoken, waarbij met het aantal gestrekte vingers wordt aangegeven welke motor klaar is om te worden gestart; de motoren worden aangeduid door opeenvolgende nummering, te beginnen met de buitenste linkermotor, die als nr. 1 wordt aangeduid.