BWBR0006095
Geldig vanaf 1993-08-25
Artikel 13
Besluit persoonlijke beschermingsmiddelen
1. Indien naar het oordeel van Onze Minister het gebruik van bepaalde persoonlijke beschermingsmiddelen, die voorzien zijn van een CE-markering, waarvan een verklaring van overeenstemming voorhanden is, die overeenkomstig hun bestemming worden gebruikt en op passende wijze onderhouden worden, gevaar oplevert voor de veiligheid of de gezondheid van de gebruikers of van andere personen, huisdieren of goederen, kan hij
a. een verbod uitvaardigen tot het vervaardigen, het in Nederland invoeren en het verhandelen van die persoonlijke beschermingsmiddelen;
b. de fabrikant of de andere, in het eerste lid van artikel 12 genoemde personen verplichten om overeenkomstig de daarbij gegeven aanwijzingen passende maatregelen te nemen om die persoonlijke beschermingsmiddelen zoveel mogelijk uit de handel te nemen.
2. Onze Minister neemt een maatregel krachtens het eerste lid in overeenstemming met Onze Ministers wie het mede aangaat.
3. Artikel 12, derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
4. Een gedraging in strijd met een krachtens het eerste lid genomen maatregel is verboden.
a. een verbod uitvaardigen tot het vervaardigen, het in Nederland invoeren en het verhandelen van die persoonlijke beschermingsmiddelen;
b. de fabrikant of de andere, in het eerste lid van artikel 12 genoemde personen verplichten om overeenkomstig de daarbij gegeven aanwijzingen passende maatregelen te nemen om die persoonlijke beschermingsmiddelen zoveel mogelijk uit de handel te nemen.
2. Onze Minister neemt een maatregel krachtens het eerste lid in overeenstemming met Onze Ministers wie het mede aangaat.
3. Artikel 12, derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
4. Een gedraging in strijd met een krachtens het eerste lid genomen maatregel is verboden.