BWBR0005971
Geldig vanaf 1993-05-09
Artikel 22
Regeling saneringsprogramma verkeerslawaai
1. De gemeenten en samenwerkingsverbanden aan wie bij brief van 22 december 1989, kenmerk DGM/G 08D9101, vooruitlopend op de vaststelling van het saneringsprogramma een budget is toegezegd voor het kalenderjaar 1992 verstrekken aan de minister vóór 1 juni 1993:
a. een rekening en verantwoording omtrent de feitelijke besteding van de verleende voorschotten in 1992 van het vorenbedoelde budget op een formulier volgens het model in bijlage III bij deze regeling met bijbehorende toelichting, en
b. een verklaring omtrent de getrouwheid als bedoeld in artikel 70a van de Wet op de Registeraccountants.
2. Ten behoeve van de controle van de rekening en verantwoording als bedoeld in het eerste lid, onder a, leggen de gemeenten en de samenwerkingsverbanden ten aanzien van ieder project een dossier aan, waarin, afhankelijk van de fase van uitvoering van het project, ten minste de volgende gegevens zijn opgenomen:
a. een rapport van het akoestisch/bouwtechnisch onderzoek;
b. een verklaring omtrent de staat van onderhoud van ieder tot het project behorende woning en voor zover het achterstallig onderhoud betreft een schriftelijke verklaring van de eigenaar inzake de kosten die hij voor zijn rekening neemt bij het in goede staat brengen van de woning;
c. een schriftelijke verklaring van de eigenaar inzake de kosten die hij voor zijn rekening neemt bij het treffen van door hem gewenste maatregelen;
d. een verklaring van de opsteller van het onder a genoemde rapport waarin deze stelt dat naar zijn waarneming niet eerder geluidwerende voorzieningen zijn aangebracht in de betrokken gevels, noch dat er ten behoeve van de betrokken woningen een geluidafschermende voorziening is geplaatst;
e. het bestek, dat is opgesteld naar aanleiding van het onder a bedoelde onderzoek;
f. het saneringsprogramma;
g. de beschikking van de minister waarbij de ten hoogste toelaatbare geluidsbelastingen zijn vastgesteld;
h. de beschikking van de minister waarbij de maatregelen zijn vastgesteld;
i. een verklaring van de budgethouder dat het project uitsluitend is geïnitieerd ten behoeve van de geluidsanering, danwel een verklaring dat het project is geïnitieerd ten behoeve van woningverbetering;
j. in geval van autonome sanering, een verklaring van de gemeente dat men niet voornemens is binnen vijf jaar de tot het project behorende woningen ingrijpend te verbeteren of onderhoud uit te voeren, danwel het pand aan de woonbestemming te onttrekken;
k. de gegevens met behulp waarvan ten aanzien van iedere woning de toetsbedragen zijn bepaald;
l. een kostenindicatie berekend aan de hand van de toetsbedragen;
m. de offerte van de aannemer en de facturen van de aannemer;
n. een verklaring van degene die de controle heeft verricht na gereedmelding van de aangebrachte voorzieningen omtrent de wijze waarop deze conform het bestek zijn aangebracht;
o. het oordeel van de minister, bedoeld in artikel 32, eerste lid.
a. een rekening en verantwoording omtrent de feitelijke besteding van de verleende voorschotten in 1992 van het vorenbedoelde budget op een formulier volgens het model in bijlage III bij deze regeling met bijbehorende toelichting, en
b. een verklaring omtrent de getrouwheid als bedoeld in artikel 70a van de Wet op de Registeraccountants.
2. Ten behoeve van de controle van de rekening en verantwoording als bedoeld in het eerste lid, onder a, leggen de gemeenten en de samenwerkingsverbanden ten aanzien van ieder project een dossier aan, waarin, afhankelijk van de fase van uitvoering van het project, ten minste de volgende gegevens zijn opgenomen:
a. een rapport van het akoestisch/bouwtechnisch onderzoek;
b. een verklaring omtrent de staat van onderhoud van ieder tot het project behorende woning en voor zover het achterstallig onderhoud betreft een schriftelijke verklaring van de eigenaar inzake de kosten die hij voor zijn rekening neemt bij het in goede staat brengen van de woning;
c. een schriftelijke verklaring van de eigenaar inzake de kosten die hij voor zijn rekening neemt bij het treffen van door hem gewenste maatregelen;
d. een verklaring van de opsteller van het onder a genoemde rapport waarin deze stelt dat naar zijn waarneming niet eerder geluidwerende voorzieningen zijn aangebracht in de betrokken gevels, noch dat er ten behoeve van de betrokken woningen een geluidafschermende voorziening is geplaatst;
e. het bestek, dat is opgesteld naar aanleiding van het onder a bedoelde onderzoek;
f. het saneringsprogramma;
g. de beschikking van de minister waarbij de ten hoogste toelaatbare geluidsbelastingen zijn vastgesteld;
h. de beschikking van de minister waarbij de maatregelen zijn vastgesteld;
i. een verklaring van de budgethouder dat het project uitsluitend is geïnitieerd ten behoeve van de geluidsanering, danwel een verklaring dat het project is geïnitieerd ten behoeve van woningverbetering;
j. in geval van autonome sanering, een verklaring van de gemeente dat men niet voornemens is binnen vijf jaar de tot het project behorende woningen ingrijpend te verbeteren of onderhoud uit te voeren, danwel het pand aan de woonbestemming te onttrekken;
k. de gegevens met behulp waarvan ten aanzien van iedere woning de toetsbedragen zijn bepaald;
l. een kostenindicatie berekend aan de hand van de toetsbedragen;
m. de offerte van de aannemer en de facturen van de aannemer;
n. een verklaring van degene die de controle heeft verricht na gereedmelding van de aangebrachte voorzieningen omtrent de wijze waarop deze conform het bestek zijn aangebracht;
o. het oordeel van de minister, bedoeld in artikel 32, eerste lid.