BWBR0005526
Geldig vanaf 1992-06-18
Artikel 7
Instelling verkenningscommissie moderne letteren
1. De kosten van de commissie komen voor rekening van de minister, voor zover zij door hem vooraf zijn goedgekeurd.
2. Onder deze kosten worden in ieder geval verstaan:
a. kosten voor vergaderingen en materiële ondersteuning;
b. een vergoeding voor de voorzitter en overige leden voor te maken reis- en verblijfkosten;
c. de kosten verbonden aan het secretariaat;
d. de kosten van publikatie van het eindrapport.
3. Ten aanzien van de leden, met uitzondering van de secretaris, zijn het Vacatiegeldenbesluit (Stb. 1988, 205) en het Reisbesluit 1971 (Stb. 1970, 602) van toepassing.
4. De beloning van de secretaris en de vergoeding van door hem gemaakte kosten worden afzonderlijk geregeld.
5. Het beheer van de commissie ter beschikking staande middelen zal afzonderlijk worden geregeld.
2. Onder deze kosten worden in ieder geval verstaan:
a. kosten voor vergaderingen en materiële ondersteuning;
b. een vergoeding voor de voorzitter en overige leden voor te maken reis- en verblijfkosten;
c. de kosten verbonden aan het secretariaat;
d. de kosten van publikatie van het eindrapport.
3. Ten aanzien van de leden, met uitzondering van de secretaris, zijn het Vacatiegeldenbesluit (Stb. 1988, 205) en het Reisbesluit 1971 (Stb. 1970, 602) van toepassing.
4. De beloning van de secretaris en de vergoeding van door hem gemaakte kosten worden afzonderlijk geregeld.
5. Het beheer van de commissie ter beschikking staande middelen zal afzonderlijk worden geregeld.