BWBR0005503
Geldig vanaf 1992-05-15
Artikel 2
Besluit vervoer binnenvaart
De wet is niet van toepassing op:
a. binnenschepen met een laadvermogen van minder dan twintig metrieke ton dan wel met een waterverplaatsing van minder dan tien m3;
b. binnenschepen met een permanente ligplaats;
c. binnenschepen met een nagenoeg permanente ligplaats, voor zover deze binnenschepen voor speciale doeleinden worden gebruikt;
d. bunkerstations, drijvende werktuiglijke inrichtingen en in aanbouw zijnde binnenschepen;
e. binnenschepen die worden gebruikt voor het vervoer van personen, voor zover niet sprake is van beroepsvervoer;
f. binnenschepen die worden gebruikt door of ten behoeve van de openbare dienst, voor zover niet sprake is van beroepsvervoer van goederen;
g. overzetveren als bedoeld in de Verenwet (Stb. 1921, 838); en
h. vissersschepen en bunschepen, voor zover deze binnenschepen worden gebruikt voor het vervoer van vis als bedoeld in de Visserijwet 1963 (Stb. 312).
a. binnenschepen met een laadvermogen van minder dan twintig metrieke ton dan wel met een waterverplaatsing van minder dan tien m3;
b. binnenschepen met een permanente ligplaats;
c. binnenschepen met een nagenoeg permanente ligplaats, voor zover deze binnenschepen voor speciale doeleinden worden gebruikt;
d. bunkerstations, drijvende werktuiglijke inrichtingen en in aanbouw zijnde binnenschepen;
e. binnenschepen die worden gebruikt voor het vervoer van personen, voor zover niet sprake is van beroepsvervoer;
f. binnenschepen die worden gebruikt door of ten behoeve van de openbare dienst, voor zover niet sprake is van beroepsvervoer van goederen;
g. overzetveren als bedoeld in de Verenwet (Stb. 1921, 838); en
h. vissersschepen en bunschepen, voor zover deze binnenschepen worden gebruikt voor het vervoer van vis als bedoeld in de Visserijwet 1963 (Stb. 312).