BWBR0005416
Geldig vanaf 2012-05-24
Artikel 154
Gemeentewet
1. De raad kan op overtreding van zijn verordeningen en van die van organen waaraan ingevolge artikel 156verordenende bevoegdheid is gedelegeerd, straf stellen maar geen andere of zwaardere dan hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie, al dan niet met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak.
2. Op de krachtens het eerste lid strafbaar gestelde overtreding van voorschriften met betrekking tot het plaatsen of laten staan van motorrijtuigen op parkeerterreinen of weggedeelten bedoeld in artikel 225zijn de <a href="/wet/BWBR0006622/artikel/181" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 181</a>en <a href="/wet/BWBR0006622/artikel/182" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">182 van de Wegenverkeerswet 1994</a>van overeenkomstige toepassing.
3. De in het eerste lid bedoelde strafbare feiten zijn overtredingen.
2. Op de krachtens het eerste lid strafbaar gestelde overtreding van voorschriften met betrekking tot het plaatsen of laten staan van motorrijtuigen op parkeerterreinen of weggedeelten bedoeld in artikel 225zijn de <a href="/wet/BWBR0006622/artikel/181" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 181</a>en <a href="/wet/BWBR0006622/artikel/182" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">182 van de Wegenverkeerswet 1994</a>van overeenkomstige toepassing.
3. De in het eerste lid bedoelde strafbare feiten zijn overtredingen.