BWBR0005416
Geldig vanaf 2012-05-24
Artikel 151d
Gemeentewet
1. De raad kan bij verordening bepalen dat degene die een woning of een bij die woning behorend erf gebruikt of tegen betaling in gebruik geeft, er zorg voor draagt dat door gedragingen in of vanuit die woning of dat erf of in de onmiddellijke nabijheid van die woning of dat erf geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden wordt veroorzaakt.
2. De in artikel 125, eerste lid, bedoelde bevoegdheid tot oplegging van een last onder bestuursdwang wegens overtreding van het in het eerste lid bedoelde voorschrift wordt uitgeoefend door de burgemeester. De burgemeester oefent de bevoegdheid uit met inachtneming van hetgeen daaromtrent door de raad in de verordening is bepaald en slechts indien de ernstige en herhaaldelijke hinder redelijkerwijs niet op een andere geschikte wijze kan worden tegengegaan.
3. Onverminderd de laatste volzin van het tweede lid kan de last, bedoeld in de eerste volzin van dat lid, een verbod inhouden om aanwezig te zijn in of bij de woning of op of bij het erf. Het verbod geldt voor een periode van tien dagen. De <a href="/wet/BWBR0024649/artikel/2" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 2, tweede lid, en vierde lid, aanhef en onder a en b</a>, <a href="/wet/BWBR0024649/artikel/5" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">5</a>, <a href="/wet/BWBR0024649/artikel/6" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">6</a>, <a href="/wet/BWBR0024649/artikel/8" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">8, eerste lid, aanhef en onder a en b</a>, <a href="/wet/BWBR0024649/artikel/9" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">9</a>en <a href="/wet/BWBR0024649/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">13 van de Wet tijdelijk huisverbod</a>zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de burgemeester bij ernstige vrees voor verdere overtreding de looptijd van het verbod kan verlengen tot ten hoogste vier weken.
2. De in artikel 125, eerste lid, bedoelde bevoegdheid tot oplegging van een last onder bestuursdwang wegens overtreding van het in het eerste lid bedoelde voorschrift wordt uitgeoefend door de burgemeester. De burgemeester oefent de bevoegdheid uit met inachtneming van hetgeen daaromtrent door de raad in de verordening is bepaald en slechts indien de ernstige en herhaaldelijke hinder redelijkerwijs niet op een andere geschikte wijze kan worden tegengegaan.
3. Onverminderd de laatste volzin van het tweede lid kan de last, bedoeld in de eerste volzin van dat lid, een verbod inhouden om aanwezig te zijn in of bij de woning of op of bij het erf. Het verbod geldt voor een periode van tien dagen. De <a href="/wet/BWBR0024649/artikel/2" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 2, tweede lid, en vierde lid, aanhef en onder a en b</a>, <a href="/wet/BWBR0024649/artikel/5" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">5</a>, <a href="/wet/BWBR0024649/artikel/6" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">6</a>, <a href="/wet/BWBR0024649/artikel/8" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">8, eerste lid, aanhef en onder a en b</a>, <a href="/wet/BWBR0024649/artikel/9" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">9</a>en <a href="/wet/BWBR0024649/artikel/13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">13 van de Wet tijdelijk huisverbod</a>zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de burgemeester bij ernstige vrees voor verdere overtreding de looptijd van het verbod kan verlengen tot ten hoogste vier weken.