BWBR0005355
Geldig vanaf 2010-04-01
Artikel 13
Uitvoeringsregeling accijns
1. Als herkenningsmiddel als bedoeld in artikel 1a, derde lid, van de wetwordt aan halfzware olie toegevoegd: per liter ten minste 12,5 mg en niet meer dan 18,75 mg ACCUTRACE™ PLUS. Het gehalte aan ACCUTRACE™ PLUS komt overeen met ten minste 9,5 mg en niet meer dan 14,25 mg butoxybenzeen per liter.
2. Als herkenningsmiddel als bedoeld in artikel 1a, derde lid, van de wetwordt aan gasolie toegevoegd: per liter ten minste 12,5 mg en niet meer dan 18,75 mg ACCUTRACE™ PLUS’. Het gehalte aan ACCUTRACE™ PLUS komt overeen met ten minste 9,5 mg en niet meer dan 14,25 mg butoxybenzeen per liter.
3. Onverminderd het bepaalde in het tweede lid wordt aan lichte gasolie een voldoende hoeveelheid kleursel toegevoegd om aan de gasolie een goed zichtbare en blijvende rode kleur te geven.
2. Als herkenningsmiddel als bedoeld in artikel 1a, derde lid, van de wetwordt aan gasolie toegevoegd: per liter ten minste 12,5 mg en niet meer dan 18,75 mg ACCUTRACE™ PLUS’. Het gehalte aan ACCUTRACE™ PLUS komt overeen met ten minste 9,5 mg en niet meer dan 14,25 mg butoxybenzeen per liter.
3. Onverminderd het bepaalde in het tweede lid wordt aan lichte gasolie een voldoende hoeveelheid kleursel toegevoegd om aan de gasolie een goed zichtbare en blijvende rode kleur te geven.