BWBR0005324
Geldig vanaf 1990-09-01
Artikel 3
Examenbesluit zeevaartdiploma's 1991
Het afnemen van examens ter verkrijging van:
a. het diploma als stuurman voor de kleine handelsvaart tezamen met het aanvullingsdiploma als stuurman voor de kleine handelsvaart,
b. het diploma als derde stuurman voor de grote handelsvaart,
c. het diploma als tweede stuurman voor de grote handelsvaart,
d. het diploma als eerste stuurman voor de grote handelsvaart,
e. het diploma als motordrijver,
f. het diploma A als scheepswerktuigkundige,
g. het diploma B als scheepswerktuigkundige en
h. het diploma C als scheepswerktuigkundige,
geschiedt door:
1°. de schoolcommissie van een door Onze Minister aangewezen school voor zover het examens betreft in de examenvakken die in Bijlage II bij dit besluit onder C, zijn aangeduid als schooltoetsvakken;
2°. de Commissie voor de stuurliedenexamens voor zover het examens betreft in de examenvakken die in Bijlage III bij dit besluit onder D, zijn aangeduid als centrale toetsvakken;
3°. de Commissie voor de examens van scheepswerktuigkundigen voor zover het examens betreft in de examenvakken die in Bijlage III bij dit besluit onder E, zijn aangeduid als centrale toetsvakken.
a. het diploma als stuurman voor de kleine handelsvaart tezamen met het aanvullingsdiploma als stuurman voor de kleine handelsvaart,
b. het diploma als derde stuurman voor de grote handelsvaart,
c. het diploma als tweede stuurman voor de grote handelsvaart,
d. het diploma als eerste stuurman voor de grote handelsvaart,
e. het diploma als motordrijver,
f. het diploma A als scheepswerktuigkundige,
g. het diploma B als scheepswerktuigkundige en
h. het diploma C als scheepswerktuigkundige,
geschiedt door:
1°. de schoolcommissie van een door Onze Minister aangewezen school voor zover het examens betreft in de examenvakken die in Bijlage II bij dit besluit onder C, zijn aangeduid als schooltoetsvakken;
2°. de Commissie voor de stuurliedenexamens voor zover het examens betreft in de examenvakken die in Bijlage III bij dit besluit onder D, zijn aangeduid als centrale toetsvakken;
3°. de Commissie voor de examens van scheepswerktuigkundigen voor zover het examens betreft in de examenvakken die in Bijlage III bij dit besluit onder E, zijn aangeduid als centrale toetsvakken.