BWBR0005212
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 38
Paspoortwet
1. Op de procedure ingevolge de artikelen 34, 36 en 37 is in het Europese deel van Nederland de derde titel van het Eerste Boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, met uitzondering van artikel 278, derde lid, van toepassing.
2. De bevoegde rechter, genoemd in artikel 34, tweede, derde en vierde lid, en in artikel 36, is in het Europese deel van Nederland de kinderrechter, in een openbaar lichaam, Aruba, Curaçao en Sint Maarten de rechter in eerste aanleg.
3. Vervallen.
4. De bevoegde rechter, genoemd in artikel 37, derde lid, is in het Europese deel van Nederland de kantonrechter, in een openbaar lichaam, Aruba, Curaçao en Sint Maarten de rechter in eerste aanleg.
5. De rechter beslist met de meeste spoed.
6. Bij een aanvraag ten behoeve van een handelingsonbekwame wordt deze als aanvrager beschouwd.
7. De minderjarige, bedoeld in artikel 34, derde lid, en de onder curatele gestelde zijn bekwaam in rechte op te treden en tegen een uitspraak beroep in te stellen.
2. De bevoegde rechter, genoemd in artikel 34, tweede, derde en vierde lid, en in artikel 36, is in het Europese deel van Nederland de kinderrechter, in een openbaar lichaam, Aruba, Curaçao en Sint Maarten de rechter in eerste aanleg.
3. Vervallen.
4. De bevoegde rechter, genoemd in artikel 37, derde lid, is in het Europese deel van Nederland de kantonrechter, in een openbaar lichaam, Aruba, Curaçao en Sint Maarten de rechter in eerste aanleg.
5. De rechter beslist met de meeste spoed.
6. Bij een aanvraag ten behoeve van een handelingsonbekwame wordt deze als aanvrager beschouwd.
7. De minderjarige, bedoeld in artikel 34, derde lid, en de onder curatele gestelde zijn bekwaam in rechte op te treden en tegen een uitspraak beroep in te stellen.
- Wet
- Paspoortwet
- Citeren als
- Art. 38
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0005212
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl