BWBR0004993
Geldig vanaf 1991-04-01
Artikel 28
Wet assurantiebemiddelingsbedrijf
1. Iedere verzekeraar en tussenpersoon verstrekt aan de Raad binnen de door deze laatste te bepalen termijn de inlichtingen die deze voor de vervulling van de hem bij of krachtens deze wet opgelegde taak mocht verlangen.
2. Verzekeraars en tussenpersonen zijn verplicht op eerste verzoek van de Raad of van personen, door deze daartoe gemachtigd, inzage te verstrekken van alle tot hun administratie behorende zakelijke gegevens en bescheiden waarvan de Raad de inzage wenselijk oordeelt voor de controle op de juiste naleving van de bepalingen van deze wet.
3. Indien de zakelijke gegevens en bescheiden van een verzekeraar of tussenpersoon zich buiten Nederland bevinden, geschiedt de inzage volgens nader door Onze Ministers te stellen regels.
4. Van gegevens die op grond van deze wet door verzekeraars en tussenpersonen moeten worden verstrekt aan de Raad, mag, voor zover deze gegevens betrekking hebben op zaken- en bedrijfsgeheimen, uitsluitend door het secretariaat van de Raad kennis worden genomen.
2. Verzekeraars en tussenpersonen zijn verplicht op eerste verzoek van de Raad of van personen, door deze daartoe gemachtigd, inzage te verstrekken van alle tot hun administratie behorende zakelijke gegevens en bescheiden waarvan de Raad de inzage wenselijk oordeelt voor de controle op de juiste naleving van de bepalingen van deze wet.
3. Indien de zakelijke gegevens en bescheiden van een verzekeraar of tussenpersoon zich buiten Nederland bevinden, geschiedt de inzage volgens nader door Onze Ministers te stellen regels.
4. Van gegevens die op grond van deze wet door verzekeraars en tussenpersonen moeten worden verstrekt aan de Raad, mag, voor zover deze gegevens betrekking hebben op zaken- en bedrijfsgeheimen, uitsluitend door het secretariaat van de Raad kennis worden genomen.