BWBR0003968
Geldig vanaf 2008-01-24
Artikel 31
Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet
1. Elk buitengewoon pensioen eindigt met het einde van de maand, waarin de rechthebbende is overleden.
2. De uitkering van de in artikel 20, eerste lid, bedoelde kinderen eindigt tevens met het einde van de maand, waarin de rechthebbende:
a. de leeftijd van 21 jaren heeft bereikt tenzij artikel 20, derde lid, van toepassing is;
b. in het huwelijk is getreden;
c. is geadopteerd.
3. Een vervallen verklaard of ingetrokken buitengewoon pensioen of uitkering eindigt met het einde van de maand, waarin de beschikking inzake het vervallen verklaren of de intrekking is gegeven.
2. De uitkering van de in artikel 20, eerste lid, bedoelde kinderen eindigt tevens met het einde van de maand, waarin de rechthebbende:
a. de leeftijd van 21 jaren heeft bereikt tenzij artikel 20, derde lid, van toepassing is;
b. in het huwelijk is getreden;
c. is geadopteerd.
3. Een vervallen verklaard of ingetrokken buitengewoon pensioen of uitkering eindigt met het einde van de maand, waarin de beschikking inzake het vervallen verklaren of de intrekking is gegeven.