BWBR0003818
Geldig vanaf 1986-05-01
Artikel 52
Diergeneesmiddelenwet
1. Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn belast de bij besluit van Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, aangewezen ambtenaren.
2. De in het eerste lid bedoelde ambtenaren die in de uitoefening van hun taak kennis bekomen van een tuchtvergrijp als bedoeld in de artikelen 14en 15 van de Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990, doen daarvan onverwijld mededeling aan de krachtens artikel 29, eerste lid, van die wetaangewezen ambtenaar.
3. Van een besluit als bedoeld in het eerste lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
2. De in het eerste lid bedoelde ambtenaren die in de uitoefening van hun taak kennis bekomen van een tuchtvergrijp als bedoeld in de artikelen 14en 15 van de Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990, doen daarvan onverwijld mededeling aan de krachtens artikel 29, eerste lid, van die wetaangewezen ambtenaar.
3. Van een besluit als bedoeld in het eerste lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.