BWBR0003767
Geldig vanaf 1985-04-01
Artikel 3
Aanvullende regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O. voor het h.b.o.
1. Waar in de „Regeling bewijzen van bekwaamheid O.W.V.O.” is aangegeven dat aan een bewijs van bekwaamheid bevoegdheid is verbonden tot het geven van onderwijs in een der vakken tekenen, modetekenen, handvaardigheid (handenarbeid), handvaardigheid (textiele werkvormen), textiele werkvormen, muziek (of onderdelen daarvan: vocale of instrumentale muziek, ritmiek), drama, dans geldt deze bevoegdheid niet voor het specifieke kunstonderwijs (waaronder in dit verband mede worden verstaan de academies voor expressie) voor het desbetreffende vakgebied.
2. De bezitter van een der bewijzen van bekwaamheid genoemd onder de nummers 8.1 (diploma voortgezette studie handenarbeid) en 17.6 (Nederlands-Antilliaanse akten op het gebied van handvaardigheid) is niet bevoegd voor het vak kunstgeschiedenis in het kunstonderwijs.
2. De bezitter van een der bewijzen van bekwaamheid genoemd onder de nummers 8.1 (diploma voortgezette studie handenarbeid) en 17.6 (Nederlands-Antilliaanse akten op het gebied van handvaardigheid) is niet bevoegd voor het vak kunstgeschiedenis in het kunstonderwijs.