BWBR0003644
Geldig vanaf 1984-01-01
Artikel 11
Beschikking bijdragen werkgelegenheid in de bosbouw 1984–1985
De projectindiener aan wie een bijdrage als bedoeld in artikel 2, eerste lid, is toegekend, is verplicht.
a. onmiddellijk na de gunning aan de directeur een afschrift van de gunningsbrief te zenden.
b. de voorschriften, die aan de goedkeuring van het project zijn verbonden, na te leven.
c. tijdens de uitvoering van het project geen handelingen, die naar het oordeel van de directeur afbreuk doen aan de instandhouding van het bos, waarvoor de bijdrage is toegekend, te verrichten en niet toe te laten, dat die handelingen worden verricht;
d. aan het eind van elk kwartaal en bij de oplevering van het werk bij de directeur een rapportage in te dienen waaruit blijkt dat de werkzaamheden worden uitgevoerd als additioneel werkgelegenheidsproject met een inzet van werklozen als bepaald in artikel 7, vierde lid. Deze rapportage dient op door de directeur beschikbaar te stellen formulieren te worden ingevuld.
a. onmiddellijk na de gunning aan de directeur een afschrift van de gunningsbrief te zenden.
b. de voorschriften, die aan de goedkeuring van het project zijn verbonden, na te leven.
c. tijdens de uitvoering van het project geen handelingen, die naar het oordeel van de directeur afbreuk doen aan de instandhouding van het bos, waarvoor de bijdrage is toegekend, te verrichten en niet toe te laten, dat die handelingen worden verricht;
d. aan het eind van elk kwartaal en bij de oplevering van het werk bij de directeur een rapportage in te dienen waaruit blijkt dat de werkzaamheden worden uitgevoerd als additioneel werkgelegenheidsproject met een inzet van werklozen als bepaald in artikel 7, vierde lid. Deze rapportage dient op door de directeur beschikbaar te stellen formulieren te worden ingevuld.