BWBR0003006
Geldig vanaf 1976-03-01
Artikel 3
Zetmeelbesluit (Warenwet)
1. De aanduiding zetmeel, onmiddellijk voorafgegaan door de naam van het gewas of door de namen van de gewassen, waaruit het is verkregen, mag uitsluitend en moet worden gebezigd voor zetmeel, dat is samengesteld overeenkomstig artikel 5, eerste lid.
2. In afwijking van het in het eerste lid bepaalde mag in plaats van de aanduiding "maïszetmeel" de aanduiding maizena worden gebezigd en mag het zetmeel, verkregen uit de wortelstok van Maranta arundinacea L., worden aangeduid met de naam arrowroot.
3. De aanduiding gemodificeerd zetmeel P mag uitsluitend en moet worden gebezigd voor fysisch gemodificeerd zetmeel anders dan in het vierde, vijfde en zesde lid omschreven, dat is samengesteld overeenkomstig artikel 5, tweede lid.
4. De aanduiding sago mag uitsluitend en moet worden gebezigd voor fysisch gemodificeerd zetmeel, dat is verkregen door zodanige verhitting van zetmeel van Metroxylon Rumphii Mart. of Metroxylon Laevi Mart., dat de morfologische structuur herkenbaar blijft en dat is samengesteld overeenkomstig artikel 5, tweede lid.
5. De aanduiding tapioca mag uitsluitend en moet worden gebezigd voor fysisch gemodificeerd zetmeel, dat is verkregen door zodanige verhitting van zetmeel van Manihot utilissima Pohl, dat de morfologische structuur herkenbaar blijft en dat is samengesteld overeenkomstig artikel 5, tweede lid.
6. De waren die in uiterlijk voorkomen gelijken op de in het vierde en vijfde lid bedoelde waren en ten doel zouden kunnen hebben deze te vervangen, moeten, indien zij één of meer andere dan de in die leden genoemde zetmelen bevatten, worden aangeduid met de naam van het gewas of de namen van de gewassen, waarvan dat zetmeel of die zetmelen afkomstig zijn, gevolgd door het woord sago onderscheidenlijk tapioca (bijvoorbeeld aardappelsago, rijstsago, aardappeltapioca).
7. Voor de in dit artikel genoemde zetmelen mag een aanduiding, waarin de naam van het gewas of de namen van de gewassen, waaruit zij zijn verkregen, voorkomen, slechts worden gebezigd, indien microscopisch aantoonbaar is, dat die waren van dat gewas of die gewassen afkomstig zijn.
2. In afwijking van het in het eerste lid bepaalde mag in plaats van de aanduiding "maïszetmeel" de aanduiding maizena worden gebezigd en mag het zetmeel, verkregen uit de wortelstok van Maranta arundinacea L., worden aangeduid met de naam arrowroot.
3. De aanduiding gemodificeerd zetmeel P mag uitsluitend en moet worden gebezigd voor fysisch gemodificeerd zetmeel anders dan in het vierde, vijfde en zesde lid omschreven, dat is samengesteld overeenkomstig artikel 5, tweede lid.
4. De aanduiding sago mag uitsluitend en moet worden gebezigd voor fysisch gemodificeerd zetmeel, dat is verkregen door zodanige verhitting van zetmeel van Metroxylon Rumphii Mart. of Metroxylon Laevi Mart., dat de morfologische structuur herkenbaar blijft en dat is samengesteld overeenkomstig artikel 5, tweede lid.
5. De aanduiding tapioca mag uitsluitend en moet worden gebezigd voor fysisch gemodificeerd zetmeel, dat is verkregen door zodanige verhitting van zetmeel van Manihot utilissima Pohl, dat de morfologische structuur herkenbaar blijft en dat is samengesteld overeenkomstig artikel 5, tweede lid.
6. De waren die in uiterlijk voorkomen gelijken op de in het vierde en vijfde lid bedoelde waren en ten doel zouden kunnen hebben deze te vervangen, moeten, indien zij één of meer andere dan de in die leden genoemde zetmelen bevatten, worden aangeduid met de naam van het gewas of de namen van de gewassen, waarvan dat zetmeel of die zetmelen afkomstig zijn, gevolgd door het woord sago onderscheidenlijk tapioca (bijvoorbeeld aardappelsago, rijstsago, aardappeltapioca).
7. Voor de in dit artikel genoemde zetmelen mag een aanduiding, waarin de naam van het gewas of de namen van de gewassen, waaruit zij zijn verkregen, voorkomen, slechts worden gebezigd, indien microscopisch aantoonbaar is, dat die waren van dat gewas of die gewassen afkomstig zijn.