BWBR0002828
Geldig vanaf 1998-01-01
Artikel 9
Vaarplichtwet
1. De vaarplichtige is, zolang een hem ingevolge artikel 5gegeven aanwijzing van kracht is, verplicht de in het belang van zijn gezondheid door de door Onze Minister aangewezen geneeskundige gegeven voorschriften op te volgen en de door deze voor zijn herstel noodzakelijk geachte genees- of heelkundige behandeling te ondergaan. De verplichting geldt niet voor het ondergaan van een levensgevaarlijke operatie, voor het zich onderwerpen aan vaccinaties door diegenen die daartegen gewetensbezwaar hebben dan wel voorzover door Onze Minister is beslist, dat het niet opvolgen der voorschriften of het weigeren om de behandeling te ondergaan gerechtvaardigd is.
2. De vaarplichtige, die opzettelijk of door schuld de in het eerste lid bedoelde verplichting niet nakomt, heeft geen aanspraak op loon of enige hem door de wet toegekende uitkering wegens ziekte, zolang hij om gezondheidsredenen geen dienst kan verrichten.
3. Ter uitvoering van dit artikel worden persoonsgegevens over gezondheid als bedoeld in artikel 4, onderdeel 15, van de Algemene verordening gegevensbescherming verwerkt. Onze Minister is de verwerkingsverantwoordelijke voor deze verwerking.
2. De vaarplichtige, die opzettelijk of door schuld de in het eerste lid bedoelde verplichting niet nakomt, heeft geen aanspraak op loon of enige hem door de wet toegekende uitkering wegens ziekte, zolang hij om gezondheidsredenen geen dienst kan verrichten.
3. Ter uitvoering van dit artikel worden persoonsgegevens over gezondheid als bedoeld in artikel 4, onderdeel 15, van de Algemene verordening gegevensbescherming verwerkt. Onze Minister is de verwerkingsverantwoordelijke voor deze verwerking.