BWBR0002759
Geldig vanaf 1971-07-30
Artikel 47
Noodwet Arbeidsvoorziening
1. Indien door een besluit als bedoeld in artikel 2, derde en vierde lid, van deze wet dan wel bij een besluit als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0007981/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 7, tweede lid</a>, en <a href="/wet/BWBR0007981/artikel/8" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">8, tweede lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden</a>, de werking van paragraaf 1of 2 van hoofdstuk IIwordt beëindigd, kan bij dat besluit worden bepaald, dat ten aanzien van de arbeidsverhoudingen, waarvoor krachtens die paragraaf maatregelen van kracht zijn, het bij en krachtens die paragraaf bepaalde gedurende een bij dat besluit vast te stellen tijd van toepassing blijft.
2. Indien door een besluit, als bedoeld in artikel 2, derde en vierde lid, van deze wet dan wel bij een besluit als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0007981/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 7, tweede lid</a>, en <a href="/wet/BWBR0007981/artikel/8" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">8, tweede lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden</a>, de werking van paragraaf 3of 4 van hoofdstuk IIwordt beëindigd, kan bij dat besluit worden bepaald, dat ten aanzien van degenen die op grond van die paragraaf tot onmisbaar werknemer zijn verklaard, onderscheidenlijk een krachtens artikel 24opgeroepen burgerdienstplichtige zijn, het bij en krachtens die paragraaf bepaalde gedurende een bij dat besluit vast te stellen tijd van toepassing blijft.
3. Indien door een besluit als bedoeld in artikel 2, derde en vierde lid, van deze wet dan wel bij een besluit als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0007981/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 7, tweede lid, en 8, tweede lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden</a>, de werking van paragraaf 5 van hoofdstuk IIwordt beëindigd, kan bij dat besluit met betrekking tot, op grond van die paragraaf verleende, van kracht zijnde vrijstellingen en ontheffingen worden bepaald, dat deze te hunnen aanzien gedurende een bij dat besluit vast te stellen tijd van toepassing blijven.
2. Indien door een besluit, als bedoeld in artikel 2, derde en vierde lid, van deze wet dan wel bij een besluit als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0007981/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 7, tweede lid</a>, en <a href="/wet/BWBR0007981/artikel/8" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">8, tweede lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden</a>, de werking van paragraaf 3of 4 van hoofdstuk IIwordt beëindigd, kan bij dat besluit worden bepaald, dat ten aanzien van degenen die op grond van die paragraaf tot onmisbaar werknemer zijn verklaard, onderscheidenlijk een krachtens artikel 24opgeroepen burgerdienstplichtige zijn, het bij en krachtens die paragraaf bepaalde gedurende een bij dat besluit vast te stellen tijd van toepassing blijft.
3. Indien door een besluit als bedoeld in artikel 2, derde en vierde lid, van deze wet dan wel bij een besluit als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0007981/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 7, tweede lid, en 8, tweede lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden</a>, de werking van paragraaf 5 van hoofdstuk IIwordt beëindigd, kan bij dat besluit met betrekking tot, op grond van die paragraaf verleende, van kracht zijnde vrijstellingen en ontheffingen worden bepaald, dat deze te hunnen aanzien gedurende een bij dat besluit vast te stellen tijd van toepassing blijven.