BWBR0002696
Geldig vanaf 1970-01-01
Artikel 50
Rijkssubsidieregeling bureaus voor levens- en gezinsvragen
1. De minister kan van deze regeling afwijken, indien in bepaalde gevallen stringente toepassing daarvan naar zijn oordeel tot kennelijke onbillijkheden zou leiden.
2. De minister kan tevens van deze regeling afwijken, indien door omstandigheden van overmacht het bestuur van een instelling niet in staat is die financiële middelen te verkrijgen, welke voor de verwezenlijking van de doelstelling op grond van deze regeling noodzakelijk kunnen worden geacht.
2. De minister kan tevens van deze regeling afwijken, indien door omstandigheden van overmacht het bestuur van een instelling niet in staat is die financiële middelen te verkrijgen, welke voor de verwezenlijking van de doelstelling op grond van deze regeling noodzakelijk kunnen worden geacht.