BWBR0002673
Geldig vanaf 1970-01-01
Artikel 9
Besluit registratie splijtstoffen en ertsen
Hij, die de aanwezigheid van ertsen in de bodem heeft vastgesteld in een zodanige hoeveelheid en vorm, dat hij redelijkerwijs moet vermoeden, dat zij voor winning in aanmerking kunnen komen, is verplicht:
a. van de aanwezigheid van die ertsen schriftelijk aangifte te doen bij de Autoriteit;
b. in die aangifte alle hem ter beschikking staande gegevens te vermelden, waarvan hij redelijkerwijs moet vermoeden, dat zij van belang kunnen zijn voor de beoordeling van de mogelijkheid tot winning van die ertsen.
a. van de aanwezigheid van die ertsen schriftelijk aangifte te doen bij de Autoriteit;
b. in die aangifte alle hem ter beschikking staande gegevens te vermelden, waarvan hij redelijkerwijs moet vermoeden, dat zij van belang kunnen zijn voor de beoordeling van de mogelijkheid tot winning van die ertsen.