BWBR0002594
Geldig vanaf 1967-07-01
Artikel 11
Besluit berekening afkoopsommen ongevalsuitkeringen
1. Gedurende de periode, die verstrijkt tussen het tijdstip, per hetwelk volgens artikel 9, eerste lid, de contante waarde wordt vastgesteld, en het tijdstip, per hetwelk volgens artikel 9, derde lid, in de in dat lid bedoelde gevallen de uitkering op contante basis wordt berekend, worden - indien en voor zolang de betrokkene aanspraak op uitkering zou hebben gehad, indien de ongevallenwetten niet zouden zijn ingetrokken - door het in artikel 23, tweede lid, van de Liquidatiewet ongevallenwettenbedoelde uitvoeringsorgaan aan hem maandelijkse uitkeringen verstrekt, welke overeenstemmen met de uitkering, waarop hij alsdan aanspraak zou hebben gehad, met dien verstande, dat de maandelijkse uitkeringen niet hoger zijn dan de uitkering, waarop hij op eerstbedoeld tijdstip aanspraak zou hebben gehad.
2. Gedurende de periode, die verstrijkt tussen het tijdstip, waarop volgens artikel 9, tweede en derde lid, de uitkering op contante basis wordt berekend en het tijdstip van uitbetaling van de afkoopsom, bedoeld in § 4, kunnen door het in artikel 23, tweede lid, van de Liquidatiewet ongevallenwettenbedoelde uitvoeringsorgaan aan de betrokkene voorschotten worden verstrekt.
2. Gedurende de periode, die verstrijkt tussen het tijdstip, waarop volgens artikel 9, tweede en derde lid, de uitkering op contante basis wordt berekend en het tijdstip van uitbetaling van de afkoopsom, bedoeld in § 4, kunnen door het in artikel 23, tweede lid, van de Liquidatiewet ongevallenwettenbedoelde uitvoeringsorgaan aan de betrokkene voorschotten worden verstrekt.