BWBR0002593
Geldig vanaf 1967-07-01
Artikel 25
Besluit overdracht contante waarden verplichtingen ongevallenverzekering aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds
De opgave, bedoeld in artikel 23, eerste lid, onder a, alsmede de overeenkomstige opgaven, voortvloeiende uit artikel 24, vereisen:
a. voor zover afkomstig van risicodragers in de zin van de Ongevallenwet 1921 dan wel het Landbouwongevallenfonds de akkoordbevinding door de directie van de Sociale verzekeringsbank of haar wiskundig adviseur;
b. voor zover afkomstig van de overige risicodragers: 1e. voor wat betreft de toepassing van de grondslagen en de actuariële berekeningen de akkoordbevinding van de directie van de Sociale verzekeringsbank of haar wiskundig adviseur;
2e. voor wat betreft de omvang van de verplichtingen, waarop de in de artikelen 13 en 14 bedoelde bedragen betrekking hebben, de akkoordbevinding van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
1e. voor wat betreft de toepassing van de grondslagen en de actuariële berekeningen de akkoordbevinding van de directie van de Sociale verzekeringsbank of haar wiskundig adviseur;
2e. voor wat betreft de omvang van de verplichtingen, waarop de in de artikelen 13 en 14 bedoelde bedragen betrekking hebben, de akkoordbevinding van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
a. voor zover afkomstig van risicodragers in de zin van de Ongevallenwet 1921 dan wel het Landbouwongevallenfonds de akkoordbevinding door de directie van de Sociale verzekeringsbank of haar wiskundig adviseur;
b. voor zover afkomstig van de overige risicodragers: 1e. voor wat betreft de toepassing van de grondslagen en de actuariële berekeningen de akkoordbevinding van de directie van de Sociale verzekeringsbank of haar wiskundig adviseur;
2e. voor wat betreft de omvang van de verplichtingen, waarop de in de artikelen 13 en 14 bedoelde bedragen betrekking hebben, de akkoordbevinding van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
1e. voor wat betreft de toepassing van de grondslagen en de actuariële berekeningen de akkoordbevinding van de directie van de Sociale verzekeringsbank of haar wiskundig adviseur;
2e. voor wat betreft de omvang van de verplichtingen, waarop de in de artikelen 13 en 14 bedoelde bedragen betrekking hebben, de akkoordbevinding van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.