BWBR0002559
Geldig vanaf 2025-07-01
Artikel 45a
Uitleveringswet
1. De opgeëiste persoon heeft het recht zich door een raadsman te doen bijstaan. De <a href="/wet/BWBR0001903/artikel/28" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 28</a>, <a href="/wet/BWBR0001903/artikel/28a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">28a</a>, <a href="/wet/BWBR0001903/artikel/37" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">37</a>, <a href="/wet/BWBR0001903/artikel/38" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">38</a>en <a href="/wet/BWBR0001903/artikel/43" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">43 tot en met 45</a>en <a href="/wet/BWBR0001903/artikel/124" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">124 van het Wetboek van Strafvordering</a>zijn van overeenkomstige toepassing.
2. Indien de voortvluchtige krachtens deze wet wordt aangehouden, stelt de hulpofficier van justitie het bestuur van de raad voor rechtsbijstand hiervan in kennis, opdat het bestuur een raadsman aanwijst, dan wel stelt hij de door de opgeëiste persoon gekozen raadsman hiervan in kennis. De <a href="/wet/BWBR0001903/artikel/28b" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 28b, eerste lid, tweede volzin</a>, en <a href="/wet/BWBR0001903/artikel/39" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">39 van het Wetboek van Strafvordering</a>zijn van overeenkomstige toepassing. Indien de voortvluchtige zich in Bonaire, Sint Eustatius of Saba bevindt, vindt de verlening van kosteloze rechtskundige bijstand plaats overeenkomstig het <a href="/wet/BWBR0028681" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wetboek van Strafvordering BES</a>.
3. Indien een persoon die geen raadsman heeft overeenkomstig deze wet zijn vrijheid wordt benomen – anders dan uit kracht van een bevel tot aanhouding of voorlopige aanhouding, dan wel tot inverzekeringstelling of tot verlenging van de termijn daarvan – wijst het bestuur van de raad voor rechtsbijstand, na mededeling van de vrijheidsbeneming door het openbaar ministerie, een raadsman aan.
2. Indien de voortvluchtige krachtens deze wet wordt aangehouden, stelt de hulpofficier van justitie het bestuur van de raad voor rechtsbijstand hiervan in kennis, opdat het bestuur een raadsman aanwijst, dan wel stelt hij de door de opgeëiste persoon gekozen raadsman hiervan in kennis. De <a href="/wet/BWBR0001903/artikel/28b" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 28b, eerste lid, tweede volzin</a>, en <a href="/wet/BWBR0001903/artikel/39" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">39 van het Wetboek van Strafvordering</a>zijn van overeenkomstige toepassing. Indien de voortvluchtige zich in Bonaire, Sint Eustatius of Saba bevindt, vindt de verlening van kosteloze rechtskundige bijstand plaats overeenkomstig het <a href="/wet/BWBR0028681" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wetboek van Strafvordering BES</a>.
3. Indien een persoon die geen raadsman heeft overeenkomstig deze wet zijn vrijheid wordt benomen – anders dan uit kracht van een bevel tot aanhouding of voorlopige aanhouding, dan wel tot inverzekeringstelling of tot verlenging van de termijn daarvan – wijst het bestuur van de raad voor rechtsbijstand, na mededeling van de vrijheidsbeneming door het openbaar ministerie, een raadsman aan.