BWBR0002557
Geldig vanaf 1967-03-01
Artikel 12
Besluit ex artikel 28 Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen
1. Het gedeelte van de geboekte bruto-premie, bedoeld in artikel 15, eerste lid, letter d, van de wet, bedraagt:
a. het totaal van de in het Nederlandse bedrijf geboekte bruto-premie voor motorrijtuigverzekering;
b. tachtig ten honderd van de in het Nederlandse bedrijf geboekte bruto-premie voor de overige verzekeringen, genomen herverzekeringen daaronder mede begrepen,
2. Bij de vaststelling van de geboekte bruto-premie wordt de premie van levensverzekeringen ten aanzien waarvan het bepaalde in de artikelen 2 en 3 van het Koninklijk besluit van 29 januari 1924 ( Stb.1924, 24) ter uitvoering van artikel 29der Wet op het Levensverzekeringsbedrijf ( Stb.1922, 716) van toepassing is, buiten beschouwing gelaten.
3. De waarden, welke ingevolge artikel 15, eerste lid, letter d, van de wet dienen te worden aangehouden, behoeven, zowel wat aard als wat waardering betreft, de goedkeuring van de Verzekeringskamer. De Verzekeringskamer kan een bankgarantie als waarde slechts goedkeuren indien en voorzover het bedrag ten belope waarvan waarden moeten worden aangehouden tien miljoen gulden te boven gaat.
a. het totaal van de in het Nederlandse bedrijf geboekte bruto-premie voor motorrijtuigverzekering;
b. tachtig ten honderd van de in het Nederlandse bedrijf geboekte bruto-premie voor de overige verzekeringen, genomen herverzekeringen daaronder mede begrepen,
2. Bij de vaststelling van de geboekte bruto-premie wordt de premie van levensverzekeringen ten aanzien waarvan het bepaalde in de artikelen 2 en 3 van het Koninklijk besluit van 29 januari 1924 ( Stb.1924, 24) ter uitvoering van artikel 29der Wet op het Levensverzekeringsbedrijf ( Stb.1922, 716) van toepassing is, buiten beschouwing gelaten.
3. De waarden, welke ingevolge artikel 15, eerste lid, letter d, van de wet dienen te worden aangehouden, behoeven, zowel wat aard als wat waardering betreft, de goedkeuring van de Verzekeringskamer. De Verzekeringskamer kan een bankgarantie als waarde slechts goedkeuren indien en voorzover het bedrag ten belope waarvan waarden moeten worden aangehouden tien miljoen gulden te boven gaat.