BWBR0002087
Geldig vanaf 1998-01-01
Artikel 5
Wet op de gevaarlijke werktuigen
1. Onze Minister wijst diensten, instellingen of onderzoekingsbureaux en ondernemingen aan, die met betrekking tot door hem te bepalen soorten van gevaarlijke werktuigen en beveiligingsmiddelen bevoegd zijn tot het verrichten van keuringen, tot het afgeven van certificaten van goedkeuring en tot het aanbrengen van merken van goedkeuring. Aan zodanige aanwijzing kunnen voorwaarden worden verbonden; zij kan te allen tijde worden ingetrokken of gewijzigd.
2. Een ingevolge het eerste lid aangewezen dienst, instelling, onderzoekingsbureau of onderneming is bevoegd om met inachtneming van de door Onze Minister hieromtrent gegeven aanwijzingen, beproevingen, welke een onderdeel vormen van de keuring, door anderen te doen verrichten.
3. Onze Minister kan voorwaardelijk of onvoorwaardelijk fabrikanten of handelaren bevoegd verklaren tot het aanbrengen van de in het derde lid van artikel 4 bedoelde merken van goedkeuring. Zodanige bevoegdverklaring kan te allen tijde worden ingetrokken of gewijzigd.
4. Voor de in het eerste en tweede lid bedoelde werkzaamheden is een vergoeding verschuldigd volgens een door Onze Minister vastgesteld tarief.
2. Een ingevolge het eerste lid aangewezen dienst, instelling, onderzoekingsbureau of onderneming is bevoegd om met inachtneming van de door Onze Minister hieromtrent gegeven aanwijzingen, beproevingen, welke een onderdeel vormen van de keuring, door anderen te doen verrichten.
3. Onze Minister kan voorwaardelijk of onvoorwaardelijk fabrikanten of handelaren bevoegd verklaren tot het aanbrengen van de in het derde lid van artikel 4 bedoelde merken van goedkeuring. Zodanige bevoegdverklaring kan te allen tijde worden ingetrokken of gewijzigd.
4. Voor de in het eerste en tweede lid bedoelde werkzaamheden is een vergoeding verschuldigd volgens een door Onze Minister vastgesteld tarief.