BWBR0002051
Geldig vanaf 1950-01-01
Artikel 5
Besluit instelling examens ter verkrijging getuigschrift tolk-vertaler
1. Voor het afleggen van het examen is een bedrag van f 450, met een interimtarief van f 360 voor het examen dat in 1986 aanvangt, verschuldigd.
2. Indien het volledige staatsexamen in één kalenderjaar wordt afgelegd, is het in het eerste lid genoemde bedrag verschuldigd.
3. Indien het staatsexamen, bedoeld in het eerste lid, verspreid over meer dan één kalenderjaar wordt afgelegd, bedraagt het examengeld per kalenderjaar f 50, vermeerderd met een bedrag voor elk onderdeel dat in het desbetreffende kalenderjaar wordt afgelegd. Het bedrag voor een onderdeel wordt bepaald door het bedrag, bedoeld in het eerste lid, te verminderen met f 50 en te delen door het aantal onderdelen.
4. Onze Minister van Onderwijs en Wetenschappen stelt na overleg met de desbetreffende staatsexamencommissie het aantal onderdelen als bedoeld in het derde lid vast.
5. Voor het afleggen van een herexamen is geen examengeld verschuldigd.
2. Indien het volledige staatsexamen in één kalenderjaar wordt afgelegd, is het in het eerste lid genoemde bedrag verschuldigd.
3. Indien het staatsexamen, bedoeld in het eerste lid, verspreid over meer dan één kalenderjaar wordt afgelegd, bedraagt het examengeld per kalenderjaar f 50, vermeerderd met een bedrag voor elk onderdeel dat in het desbetreffende kalenderjaar wordt afgelegd. Het bedrag voor een onderdeel wordt bepaald door het bedrag, bedoeld in het eerste lid, te verminderen met f 50 en te delen door het aantal onderdelen.
4. Onze Minister van Onderwijs en Wetenschappen stelt na overleg met de desbetreffende staatsexamencommissie het aantal onderdelen als bedoeld in het derde lid vast.
5. Voor het afleggen van een herexamen is geen examengeld verschuldigd.