ECLI:NL:HR:1981:AG4158
ECLI:NL:HR:2005:AO9006
ECLI:NL:HR:2022:853
ECLI:NL:CRVB:2009:BH1009
ECLI:NL:RBROT:1999:AA5150
dan de concessiehouder. Onder "tegen vergoeding (...) vervoeren" wordt in artikel 12, eerste lid, van de Postwet volgens eiser dan ook niet begrepen - en kan ook niet worden begrepen - vervoer in eigen beheer door een rechtspersoon, ook niet als dat...
ECLI:NL:RBROT:1999:AA5150
ent wel degelijk voordoet. Verweerder is - eveneens met een beroep op de wetsgeschiedenis - van oordeel dat het verbod van artikel 12, eerste lid, van de Postwet niet alleen betrekking heeft op vervoer tegen vergoeding door een derde, maar op elk ver...
ECLI:NL:RBROT:1999:AA5150
van de Postwet. De rechtbank overweegt als volgt. Met eiser is de rechtbank van oordeel dat artikel 12, eerste lid, van de Postwet geen verbod inhoudt op het door een rechtspersoon zelf, in eigen beheer, vervoeren van de eigen post, ook niet als dat...
ECLI:NL:RBROT:2002:AE1151
ien erop toe dat de overeenstemming met één van de bovengenoemde systemen van bedrijfsadministratie wordt gecontroleerd door een bevoegde instantie die onafhankelijk is van de leverancier van de universele dienst. De lidstaten zorgen voor de periodie...
ECLI:NL:RBROT:2002:AE1151
Nederland en van of naar gebieden buiten Nederland, te verrichten, voorzover dit postvervoer betrekking heeft op postzendingen die in voor het publiek bestemde brievenbussen van de houder van de concessie zijn gedeponeerd of bij daartoe bestemde inri...