ECLI:NL:HR:1981:AG4158
ECLI:NL:HR:2022:853
ECLI:NL:HR:2010:BL1116
ECLI:NL:HR:2014:335
ECLI:NL:CRVB:2017:4254
4:6, tweede lid, van de Awb, betekent dit dat de bestuursrechter aan de hand van de aangevoerde beroepsgronden toetst of het bestuursorgaan zich terecht, zorgvuldig voorbereid en deugdelijk gemotiveerd op het standpunt heeft gesteld dat er geen nieuw...
ECLI:NL:CRVB:2017:4254
17/1403 AW Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 6 januari 2017, 16/359 (aangevallen uitspraak) Partijen: [appellant] te [woonplaats] (appellant) het college van bu...
ECLI:NL:CRVB:1999:AA5097
and van het Algemeen Rijksambtenarenreglement (ARAR), zoals dat luidde ten tijde als hier van belang. Dienaangaande overweegt de Raad het volgende. Op grond van artikel 96, eerste lid, aanhef en onder a, van het ARAR, kan aan de ambtenaar eervol onts...
ECLI:NL:CRVB:1979:BB8238
1973 met betrekking tot een aan gedaagde te verlenen ontslag heeft voorgedaan verwijst de Raad - voor zover een en ander niet in 's Raads uitspraak zal worden vermeld en besproken - naar het in rubriek I van de aangevallen uitspraak gestelde. Het ont...
ECLI:NL:CRVB:2018:775
1.1. Appellant was werkzaam als [docent] bij [onderdeel] van de gemeente Maastricht. 1.2. Op 4 november 2015 is appellant bericht over de omvang van zijn aanstelling voor het cursusjaar 2015/2016. De aanstelling va...