30 resultaten voor "Artikel 4 Locaalspoor- en Tramwegwet"
Pagina 3 van 3
Uitspraak

ECLI:NL:GHARL:2026:615

Beslissend blijft immers de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan deze bepaling mochten toekennen en hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Binnen deze maatstaf heeft het hof...

2%
Uitspraak

ECLI:NL:GHARL:2026:615

Beslissend blijft immers de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan deze bepaling mochten toekennen en hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Binnen deze maatstaf heeft het hof...

2%
Uitspraak

ECLI:NL:GHAMS:1998:AA4230

n ten behoeve van het openbaar vervoer. De noodzaak daartoe vloeit voort uit de op de gemeente rustende taak zorg te dragen voor een adequaat verkeers- en vervoerssysteem. Belanghebbende brengt zelf de mogelijke aanleg van een trambaan in verband met...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBROT:2002:AE2870

rechtbank oordeelt dat de mededelingen in de brief van 18 april 2000 dat voor de aanleg van de Carnisselandelijn geen concessie, zoals bedoeld in de Locaalspoor- en Tramwegwet is vereist en dat derhalve de Wet aanleg Locaalspoor- en Tramwegen niet va...

2%
Uitspraak

ECLI:NL:RBROT:2002:AE2870

Blijkens de overwegingen van het bestreden besluit is verweerder van oordeel dat de brief van 18 april 2000, voorzover hierbij eiseres is bericht dat voor de aanleg van de Carnisselandelijn geen concessie, zoals bedoeld in de Locaalspoor- en T...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBROT:2002:AE2870

Blijkens de overwegingen van het bestreden besluit is verweerder van oordeel dat de brief van 18 april 2000, voorzover hierbij eiseres is bericht dat voor de aanleg van de Carnisselandelijn geen concessie, zoals bedoeld in de Locaalspoor- en T...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBROT:2002:AE2870

de Locaalspoor- en Tramwegwet en de toepasselijkheid van de Wet aanleg Locaalspoor- en Tramwegen rechtsgevolgen zijn verbonden, zodat sprake is van een besluit als bedoeld in artikel 1:3, eerste lid, voornoemd. Verder heeft eiseres betwist dat...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBROT:2002:AE2870

d, aanhef en onder a, van de Wet aanleg locaalspoor- en tramwegen is, voorzover hier van belang, bepaald dat onder spoorwegen wordt verstaan alle spoorwegen ten aanzien waarvan een door de kroon of met machtiging van de kroon verleende concessie tot...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBROT:1999:AA5150

m bij de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, W. Slebus, C. Huisman en mr W. Hoefnagel, allen werkzaam bij de gemeente Oss, en P. van der Steen, directeur van de IBN-groep. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde, met bij...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:PHR:2008:AY8475

Infrastructuurfonds worden binnen de grenzen van de begroting gelden beschikbaar gesteld voor de aanleg van nieuwe infrastructuur en voor onderhoud van bestaande infrastructuur. Op deze wijze wordt zorggedragen voor de beschikbaarheid van kwalitatief...

1%